Tienen liet zich topstuk van Vlaams erfgoed ontglippen

De locomotief 41.195: van het station van Charleroi-Sud naar de stelplaats van La Louvière-Sud en gerestaureerd in Maldegem.. Foto: www.kunstenenerfgoed.be/

Tienen - De laatst overgebleven locomotief van de fabriek Gilain in Tienen is uiteindelijk niet naar Tienen teruggekeerd. Hij staat nu al enkele jaren in Maldegem. Hij behoort officieel tot het cultureel erfgoed van de Vlaamse Gemeenschap, de topstukkenlijst.

De stoomlocomotief 41.195 werd in 1910 gebouwd door de Société Anonyme des Ateliers de Construction de J.J. Gilain. Op 22 juli 2016 beschermde minister van Cultuur Sven Gatz Stoomlocomotief 41.195 als erfgoed van uitzonderlijk belang. De stoomlocomotief wordt opgenomen in de lijst van het roerend cultureel erfgoed van de Vlaamse Gemeenschap, de topstukkenlijst. Stukken van die lijst mogen niet buiten Vlaanderen gebracht worden zonder voorafgaande toelating van de Vlaamse overheid. Er gelden ook bijzondere subsidieregels. 

Stoomlocomotief 41.195 werd in 1910 voor de Belgische Staatsspoorwegen gebouwd door Les ateliers de J.J. Gilain in Tienen. In de 19de eeuw was België, en in het bijzonder het Waalse industriële bekken, wereldleider voor de constructie van stoomlocomotieven. Ook in Vlaanderen was er een beperkte productie van stoomlocomotieven. Locomotief 41.195 is de enige in de wereld overblijvende, in Vlaanderen gebouwde stoomlocomotief voor normaalspoor. 
De 41.195 vormt een belangrijk schakel binnen de technische evolutie van de spoorwegen en het openbaar vervoer. (Bron: http://www.kunstenenerfgoed.be)

Na jarenlange inzet voor zowel reizigers- als goederenvervoer, werd de locomotief eind jaren ’50 uit dienst genomen. De locomotief stond jaren als monument in het station van Charleroi-Zuid. In de jaren ’90 moest hij wijken voor bouwwerken. Auteur Frans Dopere vond 'em terug in een stelplaats in La Louvière. De Vrienden van het Tiense Museum dachten even aan een fondsenwerving om de locomotief naar Tienen te brengen (bv. naar de site van het station en de Zijdelingestraat - waar Gilain actief was). 

Het was uiteindelijk Stoomcentrum Maldegem dat de locomotief voor de ondergang behoedde. De vrijwilligers staan in voor de restauratie zodat de machine kan dienen op museumspoorlijn Maldegem-Eeklo. Nu blijkt dat de restauratie, na vijf jaar, nog niet is aangevat: "Wegens andere prioriteiten". De museumspoorlijn vindt ook niet meteen sponsoren. 

De herontdekking van de locomotief kwam in Tienen uitvoerig aan bod in het blad Museumopener van oktober 2007. Het pleidooi is nadien overgenomen in De Reensteen. Tevergeefs. De betrokkenen zijn desalniettemin blij dat de locomotief (waaraan onderdelen ontbraken) nu wél degelijk gerestaureerd kan worden en opnieuw zal rijden. Tienen neemt vrede met de naam "Gilainstraat". 


 

 

Door Raymond Billen
VOOR ABONNEES