Alsmaar meer stof op onze werkplunje

Gent - De NTGent-voorstelling ‘Accattone’ opende het afgelopen weekend de Ruhrtriennale in het Duitse Dinslaken. Het verhaal, gebaseerd op de gelijknamige film van Pasolini mag dan zo’n vijftig jaar oud zijn, het thema, over de spanning tussen kapitalisme en werkloosheid is, zo bleek nog maar eens, brandend actueel.

Vlak voordat de voorstelling in première zou gaan, was er ook gelegenheid om te debatteren. Er werd gegoocheld met cijfers over werkloosheid onder de 25 in verschillende Europese landen. Niet echt om te juichen. ‘Kan het in de 21ste eeuw ook niet gewoon complete vrijheid betekenen om niet aan een bepaalde job vast te zitten?' werd er nog even geopperd door iemand die er het beste van probeerde in te zien, maar dat argument werd al snel van de hand gedaan  als ‘onmogelijk’. Zelfs vrijheid heeft haar prijs. Maar wat is het alternatief? Meedraaien in een kapitalistisch systeem waar we zelf niet achter staan? De stemmen van diegenen die werken, en diegenen die dat niet doen, zullen altijd anders klinken. Feit is in ieder geval dat Simons zich kritisch-provocerend opstelt, alleen al door het programmaboekje van zijn stuk niet ‘Accattone’ te titelen maar er, in de sierlijke typografie van de Ruhrtriennale, de niet mis te verstane titel ‘Arbeit Stinkt’ op te laten drukken. 


Met het debat en de discussie nog maar net achter de kiezen, weten we even later weer waar we voor gekomen zijn. Theater met een grote T.  De elf acteurs maken hun opwachting door allemaal samen met grote stofwolken over het grind te schrijden, vanuit de verte naar het publiek en naar de orkestbak toe. Qua binnenkomer kan dat tellen. Nog voor er een woord gezegd is, weet je:  in deze 230 meter lange en 70 meter brede kolenopslagplaats in het Ruhrgebied, een broeihaard voor gastarbeiders uit alle windstreken, moet er ooit ontzettend hard gezwoegd en gezweet zijn, en net hier komt de werkloze ‘accattone’ (letterlijk: nietsnut) zijn verhaal doen. Plaats en verhaal zijn één. 


Die loods is een voltreffer, daar moet iedereen het over eens zijn. Niet alleen voor het verhaal dat Simons wil vertellen, maar ook doordat de beelden op je netvlies gebrand blijven staan: die  weidsheid, de manier waarop het publiek op die arena, met die nietige, kleine pionnetjes neerkijkt. Denk  daar ook nog eens het stof bij, altijd maar meer stof, dat neerdwarrelt in de schemering van een augustusavond, en je hebt de perfecte filmische cocktail, waar menig theaterproducent voor zou willen tekenen.  


Maar wil dat zeggen dat het effect van de voorstelling, in een kleinere loods, zoals het geval zal zijn als ‘Accattone’ in september naar Gent komt, niet hetzelfde zal zijn? Wellicht komt de combinatie van spel en de cantates van Bach daar even hard binnen. Hoewel je je op geen enkel moment emotioneel of intiem verbonden voelt met de acteurs- daarvoor zijn de afstanden te groot- zetten ze stuk voor stuk toch wel knappe prestaties neer.

 De kaartscènes uit de film zijn vervangen door het doelloos langs de sporen slenteren en  Pasolini’s gevechtsscènes worden haast dans. Knap  werk daar overigens  van Bennie Claessens – die we allemaal nog kennen als de broer van Bart De Pauw in diens ‘Geslacht De Pauw’. Gracieus zal je ons hem niet horen noemen, maar om hem zijn tegenspeelster  de lucht in te zien liften, terwijl het Collegium Vocale ondertussen zachtjes aanzwelt, dat is simpelweg mooi. Schoonheid in een heel pure vorm.  Hij mag dan nog steeds een eigenzinnig kantje hebben – op een bepaald moment liet Claessens het Duits even voor wat het was en schakelde hij op het Antwerps over- hij maakt ook nieuwsgierig naar wat hij als nieuwkomer bij NTGent dit jaar nog meer in petto zal hebben. 


En dan hebben we het nog niet over de tragiek van de werkloze gehad. ‘Je betaalt je schulden toch af, voor je zelfmoord pleegt, he’ roept één van Accattone’s maten hem toe, waardoor zelfs de vrijheid om uit de maalstroom te stappen, de vrijheid waar het in het voorafgaand debat ook over ging, wel een erg bittere invulling krijgt.

 
Het contrast van die afgesnoerde vleugels in het grote niets met de cultuur, de cantates van Bach, onder de muzikale leiding van Philippe Herreweghe, missen hun effect ook duidelijk niet.  De soundscapes mochten dan weer wel iets minder prominent aanwezig zijn. Een gigantische loods en een uitzichtloze situatie, vragen nu eenmaal ook om een beetje stilte af en toe. En om stof. Alsmaar meer stof, om te kunnen vergeten, en om het , ook vijftig jaar na datum, terug te kunnen laten  opwaaien. 

Accattone speelt van 16 tot en met 20 september in houthandel Lemahieu aan de Gentse haven, tijdens Gent Festival van Vlaanderen. Ticketinfo: klik hier.

Meer over de opening van de Ruhrtriennale en de Gentse aanwezigheid daar, kan u hier lezen.

 

 

Door Magali Degrande