Dijkshoorn Feest mee in Gent: 'Irish coffee? Euh ja, waarom?'

Nico Dijkshoorn Foto: Geert Van de Velde

Gent - “Een wild en dronken volksfeest.” Zo noemde Nico Dijkshoorn de Gentse Feesten in een column in De Gentenaar. Het leverde hem de toorn op van veel Gentenaars. Donderdag staat Dijkshoorn met Herman Brusselmans op Lacht Comedy Festival in de Vooruit. “Ik heb zelfs een extra nacht geboekt.”

Zijn eerste zorg: bij het hotel geraken. “We hebben een mail gekregen. Inchecken wordt bijna een militaire operatie. Een hotel pal in het centrum. Zeg nog eens dat ik me niet in het feestgewoel wil gooien.” (lacht)

Ben je klaar voor jouw eerste Gentse Feesten?
“Ik denk het. Ik kom geregeld in Gent. Ik ben benieuwd naar hoe het er nu uitziet.”

Je had de Gentse Feesten alleen gegoogeld toen je erover schreef. Weet je ­intussen iets meer?
“Mijn belangrijkste bron is Herman (Brusselmans, nvdr.). Maar of hij de beste bron is, weet ik niet. Volgens mij is hij niet meteen een liefhebber.”

Begreep je de hetze over je column?
“Ik woon in Nederland, de hetze is voor een groot stuk aan mij voorbijgegaan. Maar ik kan me wel ongeveer indenken hoe er gereageerd is. Ach, een column is goed als er controverse over komt. Ik hou gewoon niet van mensenmassa’s. Ik word al gek als ze in een Frans kutdorpje vuurwerk beginnen af te steken wanneer ik er met vakantie ben. Maar ik moet het nu zelf maar eens ervaren. ”

Bestaat de kans dat we je ’s nachts tegen het lijf lopen?
“Mijn vriendin gaat mee en mijn technicus blijft ook een nachtje hangen. Dus ja, we zullen wel eens lekker door de stad lopen, denk ik. Eens zien of we Herman zo ver krijgen om mee te gaan.”

Snap je de behoefte van sommige Gentenaars om het culturele volksfeest te verdedigen?
“Ik vind dat wel lief. Maar ook een beetje naïef. Ik heb een filmpje gezien van een joelende massa nadat Eddy Wally een beroerte had gekregen. Zo correct vond ik dat niet. ”

Ken je de Vooruit?
“Ik ben alleen in het café geweest. Singer-songwriter Tim Knol vindt het de tofste club waar hij ooit speelde, met een bijna Paradiso-achtig imago. Naar verluidt is de theaterzaal erg mooi. Ik ben best trots dat ik daar kan spelen. Met een van mijn idolen, nog wel. Herman is een van mijn absolute lievelingsschrijvers. Dus ik heb er geweldig veel zin in. Wacht maar, als de deur dichtgaat, is die zaal van ons. Dan gaat niemand er nog uit.” (lacht)

In de wervingstekst van de voorstelling zeggen jullie: “Er zal worden gescholden op het podium.” En: “We omarmen de smerigheid.” Perfect toch voor zo’n wild en dronken volksfeest?
(lacht) “Ja, maar dat slaat vooral op Herman. Die zegt vreselijke dingen en brengt, op twee heel persoonlijke stukken na, kneiterharde, vintage Brusselmans. Als ik dan ook nog anderhalf uur zou staan schreeuwen dat iedereen een klootzak is, zou het erover zijn. Dus mijn aandeel is veel aardiger.”
“Al kan het voor deze voorstelling nog alle kanten uit. Want ik wil wél dat die avond te maken heeft met wat in de stad gebeurt. Ik zal óf nog liever zijn, óf ik laat me juist meeslepen door Herman. We hebben de voorstelling maar één keer in België gespeeld. Ik kan moeiteloos een best of doen. We zullen het laten afhangen van hoe we ons voelen.”

Tot slot: hou je van Irish coffee?
“Euh ... ik kan dat wel smaken, ja. Waarom? Of laat maar, ik merk het wel. Ik heb me nog niet in de lokale gebruiken verdiept.”

De Vlasmarkt, zegt het je iets?
“Neen. Dus wegblijven maar, zeker? (lacht) Weet je wat ik wel heel graag zou willen zien? De Charlatan. Ik ben een van de honderdvijftig Nederlanders die een kaartje kochten voor de film Belgica. Briljant, vond ik. Dus daar ga ik er wel even voor staan, als grote fan.”

De Charlatan ligt op die fameuze Vlasmarkt, waar het feest de hele nacht doorgaat en waar de wilde dronken massa ’s nachts verzamelt.
“Dan zal ik me daar toch doorheen moeten wurmen.”

Door Annelies Rutten
AANGERADEN