VN: “Syrische leger heeft chloorgas gebruikt in Aleppo”

© REUTERS

Het Syrische leger heeft volgens een VN-rapport in de strijd om de grootstad Aleppo chloorgas ingezet en andere oorlogsmisdaden begaan. Syrië en bondgenoot Rusland hebben vorig jaar ook gericht ziekenhuizen en andere civiele instellingen vanuit de lucht gebombardeerd om tegenstanders tot overgave te dwingen, klinkt in een woensdag gepubliceerd rapport van de VN-Mensenrechtenraad in Genève.

Syrië zou ook verantwoordelijk zijn voor een luchtaanval op een hulpkonvooi. Gewapende tegenstanders van de regering worden ervan beschuldigd willekeurig burgers in bewoonde gebieden te hebben beschoten, mensen belet te hebben om te vluchten en hulpgoederen te hebben achtergehouden. Ook dat zijn oorlogsmisdaden. “Langs beide kanten in de stad betaalden de burgers de hoogste prijs voor het geweld”, schrijft de mensenrechtenraad. Er was een immens verlies aan mensenlevens.

De Noord-Syrische stad Aleppo, niet ver van de Turkse grens, was lange tijd een van de felstbevochten gebieden in de Syrische burgeroorlog. Geholpen door Russische luchtsteun sneden regeringsgezinde troepen in de zomer van 2016 eerst de door rebellen gecontroleerde wijken in het oosten van de stad van de buitenwereld af. Na wekenlange gevechten heroverden het leger en zijn bondgenoten kort voor Kerstmis heel Oost-Aleppo. Rebellen en burgers werden na een overeenkomst uit de stad geleid.

Niet eerste keer

De herovering van Aleppo betekende voor de Syrische regering in de bijna zes jaar durende oorlog met 400.000 doden een belangrijke overwinning. Daardoor kon de regering bij de nu al een week lopende vredesgesprekken in Genève een sterkere positie innemen dan bij de mislukte onderhandelingen van vorig jaar.

Het hele jaar door heeft de Syrische luchtmacht aanvallen uitgevoerd op Aleppo en zou daarbij chloorgas hebben gebruikt. Rusland en China hadden dinsdag in de VN-Veiligheidsraad met hun veto sancties tegen Syrië wegens het gebruik van chemische wapens verhinderd.

In 2013 al waren ten oosten van de hoofdstad Damascus bij aanvallen met gifgas rond de 1.400 mensen gedood. De Syrische regering stemde er daarna mee in om alle gifgasvoorraden te vernietigen. Chloor viel echter niet onder het verbod, omdat het ook voor civiele doelen wordt gebruikt.

“Brutale tactiek”

De VN-Mensenrechtenraad beschouwt de dagelijkse luchtaanvallen door Syrië en Rusland en de maandenlange blokkade van Oost-Aleppo als een “brutale tactiek” om rebellen tot overgave te dwingen. Wegens de bombardementen moesten vele ziekenhuizen in Oost-Aleppo hun werk stoppen. Ook markten, bakkerijen, scholen en waterleidingbedrijven werden getroffen. Syrische en Russische troepen zouden daarbij ook internationaal onaanvaardbare clustermunitie gebruikt hebben.

Een van de “meest flagrante aanvallen” was het bombardement op een hulpkonvooi in de plaats Urum al-Kubra in de omgeving van Aleppo. Toen kwamen 14 hulpverleners om en werden 17 vrachtwagens vernield. Het rapport acht het als bewezen dat de luchtaanval minutieus was voorbereid om bijkomende humanitaire hulp te bemoeilijken. Ook zouden regeringsgezinde troepen na de herovering van Oost-Aleppo tegenstanders uit wraak gedood hebben. Honderden mannen werden onder dwang gerekruteerd voor het leger.

Gewapende groepen van hun kant hadden willekeurig het door de regering gecontroleerde westelijke deel van Aleppo onder vuur genomen. Enkele milities hielden vluchtende mensen uit Oost-Aleppo tegen en gebruikten hen als levend schild. Ook het akkoord over de evacuatie van de stad was een oologsmisdaad omdat de mensen onder dwang werden verdreven.

Aangeboden door onze partners

Lees ook

Hoofdpunten