Stad nodigt iedereen uit voor wandeling op restauratiewerf

Honderden skeletten onder de vloer van de Sint-Martinuskerk

© lds

Wie gaat bidden in de Sint-Martinuskerk, weet vanaf nu wat er onder de vloer zit. Tijdens de aanleg van een nieuwe verwarming worden de archeologische vondsten blootgelegd. Daaronder: honderden skeletten.

Leen De Smedt

De Sint-Martinuskerk zoals we ze nu kennen, d’àà keirk (de oude kerk, nvdr.) in de volksmond, werd opgetrokken in 1480. De werken duurden uiteindelijk honderdvijftig jaar. Van dan tot en met 1784, toen de Oostenrijkse keizer Jozef II met een keizerlijk decreet bepaalde dat begravingen buiten de stadsmuren moesten plaatsvinden, werden mensen – tenminste als ze van goeden huize waren – bijgezet in de kerk. Vermoedelijk gaat het om honderden overledenen.

Nu de stad met steun van de Vlaamse overheid en Onroerend Erfgoed een nieuwe verwarmingsinstallatie aanlegt in het gebouw, worden gevonden skeletten bovengehaald om onderzoek op te doen. “Alle graven hadden, geheel volgens de christelijke traditie, een west-oost oriëntatie”, zegt Bart Cherreté, diensthoofd Archeologie van de intercommunale SOLVA die de archeologische werken leidt. “Gewone parochianen werden met hun hoofd naar het westen gepositioneerd, zodat hun blik naar het oosten gericht was en ze de wederopstanding van Christus konden aanschouwen. Mannelijke geestelijken lagen dan weer met hun hoofd in het oosten, zodat ze hun blik naar de gelovigen gericht hadden. De meerderheid van de begravingen gebeurde in een eenvoudige grafkist. In enkele gevallen werd een grafkelder in baksteen aangetroffen.”

Veel wijst erop dat er voor de komst van de Sint-Martinuskerk, wellicht al tussen de zesde en de achtste eeuw, al een gebedshuis stond. De archeologen troffen een opmerkelijke constructie aan die mogelijk uit die Karolingische tijd dateert, maar dat moet verder onderzoek uitwijzen.

Te bezoeken

Naast het plaatsen van een nieuwe verwarmingsinstallatie, wordt ook de bloemenkelder gerestaureerd. De werken kaderen in de vijfde fase van in totaal tien restauratiefases die de stad in samenwerking met de Vlaamse overheid en Onroerend Erfgoed uitvoert.

Schepen van Erfgoed Karim Van Overmeire en burgemeester Christoph D’Haese (beiden N-VA) nodigen iedereen uit om de vondsten van naderbij te komen bekijken: “Nu zondag 20 augustus van 10 tot 12.30 uur en van 13.30 tot 18 uur is iedereen welkom om de restauratiewerf te bezoeken”, klinkt het. “Ervaren archeologen staan klaar om tekst en uitleg te geven.”

Nu in het nieuws