Waarom worden vogels niet geëlektrocuteerd als ze op een elektriciteitsdraad zitten?

Foto: rr

Met tientallen zitten ze soms mooi op een rijtje op een hoogspanningslijn. Spreeuwen, mussen, zwaluwen en noem maar op. En toch worden ze niet geëlektrocuteerd. Hoe komt dat? En waarom sterven ooievaars vaak wel na contact met een elektriciteitskabel.

“Bij lage frequenties van het elektriciteitsnet (bijvoorbeeld 50 Hz) heeft men een contact met twee draden nodig voor men de kring sluit en dus een lading stroom krijgt”, zegt professor Alex Van den Bossche van de faculteit Engineering and Architecture aan UGent. Vogels als mussen en spreeuwen zijn te klein om twee draden aan te raken omdat de kabels een eindje uit elkaar hangen.

“Soms worden ook herstellingen aan hoogspanningskabels uitgevoerd terwijl die nog onder spanning staan’’, zegt professor Van den Bossche. ”Een technicus in een speciaal geleidend pak daalt dan af vanuit een helikopter. Een voorwaarde is wel dat de draden zich ver genoeg uit elkaar bevinden om contact met meerdere kabels tegelijk te vermijden.’’

“Het contact met een draad onder spanning is op zich niet schadelijk, zolang er tegelijkertijd geen contact is met een andere kabel of met een geleider die in verbinding staat met de aarde. Pas dan vindt een ‘doorslag’ plaats en loopt er een elektrische stroomstoot door het lichaam, groot genoeg om te sterven.”

Grote vogels, groot gevaar

Kleinere vogels kunnen met andere woorden perfect op een elektriciteitsdraad zitten zonder dat ze geëlektrocuteerd worden.

Maar dat is lang niet het geval bij grotere vogels. Van ooievaars of grote roofvogels, zoals buizerds, is bekend dat ze regelmatig sterven na contact met een hoogspanningskabel.

Door hun grotere lichaamsoppervlakte en dikkere, langere poten, trekken zij meer stroom aan. Dat betekent daarom niet dat de dieren er meteen aan sterven. Maar grote vogels hebben uiteraard ook grote vleugels. En met die vleugels komen ze wel eens in aanraking met twee draden. Met fatale gevolgen.

Vogels zullen nochtans nooit op kabels met de hoogste spanningen gaan zitten, zegt Jan Rodts van Vogelbescherming Vlaanderen. Op leidingen van meer dan 50 kilovolt houden ze het niet uit. Wanneer ze zouden willen neerstrijken op kabels met een hogere spanning, zorgt een tinteling in hun verenkleed of poten ervoor dat ze zich bedenken. Bovendien zitten vogels vaak alleen op de bovenste draden. Die dienen als bliksemafleider en staan normaal niet onder spanning.

Maar hoogspanningskabels maken niet enkel slachtoffers door elektrocutie. “Vogels kunnen horizontale strepen in de lucht moeilijk waarnemen en vliegen zich gewoon te pletter tegen de kabels die ze in volle vlucht amper zien hangen. Vooral bij kleinere vogelsoorten is dat een belangrijkere doodsoorzaak. Door opvallende spiralen of bollen te bevestigen aan de kabels, worden ze beter zichtbaar.

 

Vraag het aan de wetenschap

Veertig dagen lang proberen Het Nieuwsblad en een groep Vlaamse wetenschappers een vraag te beantwoorden waarvan je wakker ligt. Heb je zelf een boeiende wetenschapsvraag? Dan kan je die insturen via deze link. Wij zoeken een expert, die ons vervolgens schetst wat er al over geweten is.

Met ‘Vraag voor de wetenschap’ proberen het Fonds Wetenschappelijk Onderzoek (FWO) en Het Nieuwsblad de wetenschap dichter bij de burger te brengen. De ingestuurde vragen dienen als insteek om een Vlaamse Wetenschapsagenda op te stellen. Die agenda zal de Vlaamse wetenschap de komende jaren helpen om beter in te spelen op de vragen die leven bij de bevolking. De campagne is een initiatief van het Fonds Wetenschappelijk Onderzoek Vlaanderen (FWO), in opdracht van Vlaams minister Muyters, bevoegd voor wetenschap en innovatie, in samenwerking met een brede groep wetenschappelijke organisaties, zoals de Vlaamse universiteiten en hogescholen.

Door tg
  • VOOR ABONNEES
    Laad meer berichten...