REACTIES. Degenkolb in tranen na zege, veelzeggend schouderklopje voor Naesen en spijt bij Lampaert

John Degenkolb heeft zondag de negende rit in de Ronde van Frankrijk op zijn palmares gezet. Na 156,5 kilometer van Arras naar Roubaix was de Duitser de snelste van een kopgroep van drie voor geletruidrager Greg Van Avermaet en Belgisch kampioen Yves Lampaert. Na de finish reageerde de Duitser in tranen. Oliver Naesen kreeg aan de streep dan weer een veelzeggend schouderklopje van zijn kopman Bardet. Bekijk hier de eerste reacties.

LEES OOK: Degenkolb verpest Belgisch feestje in dolle kasseirit, Van Avermaet blijft nog steeds leider in de Tour

Degenkolb: “Iedereen zei dat ik nooit meer zou terugkeren”

“Dit is een gevoel van pure gelukzaligheid”, aldus Degenkolb in een eerste reactie. “Ik was al zo lang op deze overwinning aan het hopen, en… (pinkt een traantje weg) Het is heel moeilijk te beschrijven. Het was de hele dag lang al een hard gevecht. Dit is ook een overwinning van de ploeg. We hadden echt een plan om de hele tijd uit de problemen te blijven, en dat is zeer goed gelukt. Ongelooflijk. Dit is een zeer grote overwinning, en dat was al lang geleden.”

“In het verleden heb ik al veel meegemaakt, ik ben zeer moeilijke tijden doorgekomen. En ik ben blij dat ik deze overwinning kan opdragen aan een van mijn beste vrienden die afgelopen winter is overleden. Iedereen zei dat ik na het ongeval nooit meer zou terugkeren, en ik zei dat ik er nog niet klaar mee was. Ik moest en zou nog minstens één grote overwinning neerzetten voor die kerel, met de naam Jörg. Hij was mijn tweede vader, en het was enorm moeilijk zonder hem. Ik ben dus zeer blij om deze overwinning aan hem op te dragen. Op de kasseien dan nog wel.”

Van Avermaet: “Ik ben toch een beetje ongelukkig”

Greg Van Avermaet behoudt zijn gele trui maar strandde op de tweede plek: “Ik ben toch een beetje ongelukkig. Ik ben heel tevreden met het verloop van de etappe, maar eens je in die situatie op het einde komt, wil je natuurlijk winnen. Ik ben misschien een beetje te laat gestart en was de sprint misschien zelf beter aangegaan, maar dat zijn vijgen na Pasen. Ik ben dus zeker ontgoocheld, want er had wel net iets meer ingezeten. Ik dacht Degenkolb een beetje aan kop te laten rijden en er dan over te springen. Ik kon er eerst even naast komen en mij herzetten, en ik wou er nog overkomen maar ik kwam niet meer en dan kwam de meet vrij snel.”

“Ik denk wel dat ik heel tevreden mag zijn met mijn eerste week, en vanaf maandag ga ik mij een beetje proberen amuseren. Ik had wel het gevoel dat ik Degenkolb zou kunnen kloppen. Lampaert was enorm sterk, het was een beetje zijn verdienste dat we daar weg reden, en dan probeer je het zo goed mogelijk af te maken. Ik had wel kans in die sprint, anders had ik wel iets anders geprobeerd.”

Lampaert: “Ik had nog iets moeten proberen”

“Het was nog harder dan we verwacht hadden, het was echt heel warm”, reageerde Lampaert na zijn derde plaats. “We waren met drie man en het waren twee toppers, daar moeten we geen doekjes om winden. Ik had misschien nog iets moeten proberen op het einde, maar het vertrouwen was er niet. Degenkolb zou het niet laten gebeuren dat ik wegspring, en Van Avermaet waarschijnlijk ook niet. Maar ik had wel moeten proberen.”

“John is een schone winnaar, en het was een schoon groepje, maar de derde plaats is het dus geworden. Ik wist dat het moeilijk zou zijn in de spurt, maar ik denk dat ik tevreden moet zijn met mijn koers. Ik heb mij alleszins getoond vandaag.”

Veelzeggend schouderklopje voor Naesen

Oliver Naesen was van goudwaarde voor zijn kopman Bardet, die maar liefst drie keer lek zou rijden: “We wisten dat het een ganse dag pech ontwijken zou worden, dat hadden we wel zien aankomen. Maar Romain (Bardet) rijdt drie keer lek en ik rijd ook nog eens lek. Op het einde rijdt hij een laatste keer lek na de laatste strook, dat eigenlijk de properste strook van de hele dag is.”

Op dat moment passeert Bardet en de Fransman geeft zijn Belgische meersteknecht veelzeggend een appreciërend schouderklopje. “Uiteindelijk komt hij bij de groep Froome toe, dus ja”, vervolgde Naesen. “Na 10 kilometer zag ik iemand van zijn stuur schieten en kon Richie Porte zijn ticketje naar huis al boeken, het kan allemaal. Het is wel mooi om hier in dit warme weer te koersen, en er kon toch wel nog een beetje stof bij heb ik gemerkt...”

Vanmarcke: “Het was toch weer tof”

Ook Sep Vanmarcke was van goudwaarde voor zijn kopman, Rigoberto Uran: “Ik denk dat ik wel van grote waarde was voor de ploeg, maar spijtig genoeg kwam het er niet allemaal goed uit. Een aantal keer zag het er wel goed uit, maar je moet nog het geluk hebben dat je op de juiste plek zit op het juiste moment, en dat hadden we niet echt vandaag. Urán ging twee keer in de koers tegen de grond, we zaten twee keer achter een grote valpartij, en hij brak nog eens zijn derailleur af waardoor we weer moesten wachten en telkens het gat weer toerijden. De laatste keer kregen we het gat niet meer dicht.”

“Hij is twee keer gevallen, een keer snel weer weg en de andere keer had hij problemen met de fiets. De fysieke schade zal wel meevallen, maar het tijdverlies is natuurlijk ook een grote schade. Orders zijn orders, dus ik heb niet getwijfeld. Maar natuurlijk zit je wel te denken, zeker toen ik in die eerste kilometers aan het wringen was, “och, dat is toch weer tof hé”. Het wordt dus weer gewoon verlangen naar maart en april.”

De Gendt: “Ik kan wel op kasseien rijden, maar ik doe het echt niet graag”

Thomas De Gendt was vandaag present in de vlucht van de dag, hoewel hij niet graag over kasseien rijdt: “Als je in de aanval gaat, vermijd je de valpartijen”, luidt de (droge) verklaring. “Ik zat vooraan en ik ging gewoon proberen en zien of het lukte. Het was een mooie ontsnapping en ik kwam nog verder dan ik dacht, en tegen dat ik goed en wel ingehaald was, was het niet ver meer naar de finish. Ik kan wel op kasseien rijden, maar ik doe het gewoon echt niet graag.

Het doet overal pijn, aan mijn vingers en mijn ellebogen, maar als Vlaamse renner kan je niet echt anders dan in de jeugd kasseikoersen rijden. Bij Vacansoleil heb ik jarenlang de Vlaamse klassiekers gedaan, dus ik kan het wel, maar liever niet. Ik wist wel dat mijn vlucht het niet zou houden, maar je weet nooit met valpartijen. Ik kon mij altijd laten uitzakken, wat niet mogelijk geweest zou zijn als ik niet vooraan zat. Nu konden ze nog beroep doen op mij. Ik heb niet echt ambitie om in de aanval te gaan.”

Door jvw, vml