Voormalig minister van Financiën Johan Van Overtveldt plaatst vraagtekens bij rekenkunde Alexander De Croo

Bron © BELGA

Foto: belga/photo news

Voormalig minister van Financiën Johan Van Overtveldt (N-VA) fronst de wenkbrauwen bij de waarschuwing die zijn opvolger Alexander De Croo (Open VLD) woensdag uitte over het risico op een ontspoorde begroting. “Ik denk dat de rekenkunde van De Croo een beetje fout zit”, stelde Van Overtveldt donderdag in ‘De Ochtend’ op Radio 1.

Zonder ongelukken keurt de Kamer donderdagnamiddag een Financiewet goed, die ervoor moet zorgen dat de overheid volgend jaar normaal kan blijven functioneren na de val van de regering. Het gaat om een systeem van voorlopige twaalfden. Minister De Croo waarschuwde woensdag dat de noodbegroting tot een ontsporing van 2 miljard euro kan leiden, omdat de besparingen in de gewone begroting niet kunnen worden uitgevoerd.

Maar zijn voorganger stelt zich vragen bij de uitspraken van De Croo. Hij merkt bijvoorbeeld op dat de inkomsten eind oktober bijna 1 miljard euro hoger lagen dan geraamd. Indien die tendens zich heeft voortgezet, zorgt dat voor een gunstig doorloopeffect in 2019, legt hij uit. “Bovendien heb ik Europees centraal bankier Mario Draghi horen zeggen dat we voor de herfst van volgend jaar geen verhoging van de rente moeten verwachten”, aldus Van Overtveldt.

Blijft de vaststelling dat N-VA voorwaarden koppelde aan de goedkeuring van de begroting, die ze zelf mee opstelde en die Van Overtveldt nog zelf verdedigde in het parlement. De ex-minister herhaalt dat de drie andere coalitiepartners wisten dat N-VA het VN-migratiepact niet langer zou goedkeuren. “Nu ons verwijten dat de begroting in de problemen is gekomen, is kort door de bocht en eenzijdig”, vindt Van Overtveldt.

Volgens De Croo slaat zijn voorganger echter de bal mis. Zo legt het systeem met voorlopige twaalfden de dynamiek stil van elk jaar minder uitgeven. Omdat er geen volwaardige begroting is, kan een hele reeks besparingsmaatregelen niet worden uitgevoerd. De Vlaamse liberaal verwijst daarbij naar de besparingen op het overheidsapparaat of het opvoeren van de strijd tegen de fiscale fraude. “Dat leidt tot een ontsporing, of men dat nu graag hoort of niet.”

Bovendien kan je in normale omstandigheden als regering en minister van Financiën korter op de bal spelen, legt De Croo uit. “In een situatie van voorlopige twaalfden en lopende zaken is dat veel moeilijker. Maar ik zal er alles aan doen, samen met het parlement, om ervoor te zorgen dat de negatieve gevolgen van een jaar zonder volwaardige begroting zo klein mogelijk blijven”, aldus De Croo.

Hij waarschuwt ook voor de inkomsten uit de vennootschapsbelasting. “Het is inderdaad zo dat de inkomsten in de vennootschapsbelasting voor 2018 hoger liggen, maar het is geen wetmatigheid dat dit ook in 2019 zo zal zijn.”

De Croo wijst erop dat de Nationale Bank deze week de nodige vraagtekens heeft geplaatst bij de inkomsten uit de vennootschapsbelasting zoals die door Johan Van Overtveldt zijn geraamd. “De Nationale Bank waarschuwt dat deze in 2019 fors lager zouden kunnen liggen. De voorbije twee jaar zijn bedrijven vooral meer gaan voorafbetalen, maar dat betekent niet automatisch dat de inkomsten in de vennootschapsbelasting in globo stijgen. Ze worden gewoon vroeger betaald”, besluit de minister.