Beursspecialist met raad voor Mathieu van der Poel: “Wielrennen = trappen + klappen. Had papa Adrie dat niet uitgelegd?”

Foto: Guy Puttemans

De strapatsen van Mathieu van der Poel laten werkelijk niemand onberoerd. Zelfs beursspecialist Paul D’Hoore, een notoir wielerliefhebber, wil het Nederlandse fenomeen met raad en daad bijstaan door hem te wijzen op het nut van af en toe een praatje slaan.

Mathieu van der Poel is dé revelatie van het klassieke voorjaar. Hij heeft de hoge verwachtingen nóg overtroffen. Maar om het vak helemaal onder de knie te krijgen, moet hij nog een beetje bijstuderen.

“Als we in de Ronde van Vlaanderen achter Alberto Bettiol een beetje tempo maken, maakt hij geen kans. Nu is er eigenlijk niet gereden. Alleen maar gedemarreerd en weer stilgevallen. Raar”, zo laat Van der Poel noteren in het interview met Sportwereld.

Dat is helemaal niet zo raar, Mathieu. Het hoort bij de Wetten van het Wielrennen. Ik zal het even uitleggen met een voorbeeld. De Ronde van Vlaanderen van 1967. Gewonnen door een onverwachte Italiaan. De Alberto Bettiol van toén heette Dino Zandegu.

De Ronde van 1967 kende een opmerkelijk verloop. Kort na de start in Gent, gingen 17 renners aan de haal. De grote gangmaker was Noël Foré, die vlak na de start door eigen streek passeerde. Foré bleef zijn medevluchters aanvuren. Pas op vijftien kilometer van de finish in Merelbeke werden Foré en zijn laatste twee gezellen ingerekend.

Ze werden bijgehaald door een jonge, briesende stier: Eddy Merckx. Hij bracht twee anderen mee: de Italiaanse ploegmaats Felice Gimondi en Dino Zandegu.

Afwisselend demarreerden Gimondi en Zandegu. Merckx moest er telkens achteraan. Bij één van die demarrages sprong Noël Foré in het wiel van Dino Zandegu. De twee bleven voorop. Zandegu won makkelijk de spurt tegen zijn medevluchter die 250 kilometer in de aanval had gereden.

Na de finish werd Noël Foré aangesproken door Eddy Merckx: “Waarom heb jij mee op kop gereden met Dino Zandegu? Je was toch kansloos voor de overwinning, na zo’n lange ontsnapping. Raar.”

De oude vos Noël Foré ging er prat op dat hij Eddy Merckx heeft leren koersen: “Dan had je tijdens de koers met mij moeten praten. Niet na de aankomst.”

Inderdaad, vanaf het moment dat Merckx in de spits van de wedstrijd verscheen, kon de vermoeide Foré zélf niet meer winnen. Maar hij kon wel nog het verloop van de koers beïnvloeden. Hij kon mee beslissen wie wél en wie niét zou winnen. En als hij dan niet met de bloemen naar huis kon, dan maar met een mooie bedanking voor bewezen diensten.

Foré hielp Dino Zandegu aan zijn mooiste overwinning. Dat ligt niet alleen de onervarenheid van Eddy Merckx. Het was ook het instinct van de toprenner tegenover de aankomende nieuwe kampioen. De generatie die aan de macht is, houdt zo lang mogelijk de deur dicht voor nieuwkomers die ook hun stuk van de taart willen opeisen.

Eddy Merckx is niet de enige die in de finale van de Ronde van Vlaanderen vergat om te praten. In 1984 reed Johan Lammerts ongestoord naar zijn mooiste overwinning. Zijn medevluchters zagen liever Lammerts winnen dan de opkomende kampioen Sean Kelly.

Zo, Mathieu, wat hebben we nu geleerd?

Ten eerste: dat de overwinning in de Ronde van Vlaanderen een unieke kans was voor Dino Zandegu, Johan Lammerts en (wellicht) ook Alberto Bettiol. Dankzij een specifieke koerssituatie, met een aankomende kampioen die men de overwinning minder gunde.

Ten tweede: dat Mathieu van der Poel nu al past in een rijtje met Eddy Merckx en Sean Kelly. De precieze volgorde zal de komende jaren worden bepaald.

En ten derde: wielrennen = trappen + klappen. Bij de zeventien achtervolgers op Alberto Bettiol had je zeker één of enkele bondgenoten kunnen vinden om het gat dicht te rijden op de Italiaan. Had papa Adrie dat dan niet uitgelegd? Raar.