KV Mechelen overweegt bond voor rechtbank te dagen nadat die degradatie voor matchfixing vorderde

Ex-KV Mechelen-voorzitter Johan Timmermans. Foto: Olivier Matthys

KV Mechelen en Waasland-Beveren maken zich sterk dat ze niet zullen degraderen voor matchfixing in de zaak-Propere Handen. De bond vorderde gisteren degradatie naar 1B en een puntenaftrek van respectievelijk twaalf en zes punten. Maar beide clubs zullen alle juridische middelen uitputten om zo’n scenario te vermijden. Een van de manieren is een kortgedingprocedure tegen de bond.

Een half jaar nadat op 10 oktober 2018 de zaak-Propere Handen losbarstte, heeft de voetbalbond zijn onderzoek naar omkoping in de degradatiestrijd van vorig seizoen klaar. Moeskroen en Eupen gaan vrijuit, maar KV Mechelen en Waasland-Beveren moeten zich verantwoorden. Zij riskeren degradatie en een puntenaftrek. Daarnaast worden dertien individuen opgeroepen. Allen zijn aan een van beide clubs gelinkt: vier clubleiders van KV Mechelen, vier bestuurders van Waasland-Beveren, vier makelaars en één voetballer, Olivier Myny.

Het was hoofdaandeelhouder Dieter Penninckx, zelf niet genoemd in de zaak, die gisteren de spelers van KV Mechelen op de hoogte bracht. Na de training sprak hij de groep toe in de kleedkamer. Hij benadrukte dat de club geen schuld treft en volgens het bondsreglement zal worden vrijgesproken. Daarmee hoopt hij de rust te herstellen aan de vooravond van de bekerfinale op 1 mei. Verschillende spelers van KV Mechelen en Waasland-Beveren maken zich immers zorgen over hun sportieve toekomst.

Penninckx weet zich gesterkt door een opvallend artikel uit het bondsreglement. Artikel B1711 stelt dat “elke vordering of klacht op straffe van onontvankelijkheid dient te worden ingediend vóór 15 juni van het betrokken seizoen in het geval van degradatie”. De vordering van gisteren komt volgens het bewuste artikel dus tien maanden te laat.

“Tegen de geest”

De voetbalbond is zich van het bestaan van het artikel bewust, maar claimt dat het “tegen de geest van het reglement” is. Een strafvordering voor 15 juni zou betekenen dat een club na het seizoen slechts een maand hoeft te vrezen voor sancties wegens competitievervalsing, wat onredelijk kort is.

Een grondig onderzoek vergt tijd. In het geval van Propere Handen duurde het onderzoek vanuit de KBVB niet minder dan 160 dagen. Op 15 juni 2018 waren er geen vermoedens van matchfixing voor Waasland-Beveren-KV Mechelen. Bovendien zou de argumentatie van Malinwa betekenen dat de verjaringstermijn van acht jaar geen enkel fundament meer heeft.

En zo zijn er in het reglement nog elementen terug te vinden die in de ene of de andere richting wijzen.

De interpretatie van het bondsreglement lijkt dus de inzet te worden van de pleidooien voor de bond, maar het is maar de vraag of de zaak ooit ten gronde zal worden behandeld. De advocaten van KV Mechelen of Waasland Beveren hebben immers nog enkele andere juridische troefkaarten achter de hand. Zo kunnen ze via een procedure in kort geding naar de rechtbank stappen omdat ze van oordeel zijn dat ze recht hebben op een eerlijk proces. De voetbalbond voerde 160 dagen onderzoek, terwijl zij maar een paar weken tijd hebben om hun verdediging op te bouwen.

Zaak-Ye

Zo’n kortgedingprocedure werd onder meer gebruikt ten tijde van de zaak-Ye door de advocaat van Marius Mitu, Luc Misson. Uiteindelijk oordeelde het Brusselse hof van beroep dat de bond Mitu en twee andere ­ex-spelers van Lierse niet mocht ­veroordelen. De kans is reëel dat de zaak niet afgehandeld zal zijn voor 30 juni, wat de voetbalbond volgens een persmededeling wel hoopt te doen.

Door thst, kvu, lvdw, bla
  • Meer voetbal