Dit N+ artikel is exclusief voor jou als abonnee.

Abonnee worden? Kies je leesformule

17/05/2019 - Binnenland
camera closecorrect down facebook gplus Het Nieuwsblad nextprevquote share twitter video

Een plastic bakje in de microgolfoven kan schadelijk zijn, aldus de Hoge Gezondheidsraad. Niet waar, zegt de levensmiddelenchemicus.  VUM

Aanbevelingen Hoge Gezondheidsraad stuiten op felle kritiek van experts

“Plastic bakje in microgolf is perfect veilig”

Zijn consumenten overdonderd door de nieuwste adviezen van de Hoge Gezondheidsraad, dan zijn enkele vooraanstaande wetenschappers zelfs verbouwereerd. Want dat plastic potje dat plots niet meer in de microgolfoven mag en de plastic fles waaruit we beter niet drinken, die zijn toch gemaakt volgens perfect veilige voorschriften? “Ik denk dat we hun adviezen sterk moeten nuanceren.”

Voorzitter adviesraad: “We zijn ons ervan bewust dat er niet voor alles hard bewijs is”

Woensdag stelde de Hoge Gezondheidsraad z’n nieuwste lijst aanbevelingen voor om de volksgezondheid te vrijwaren. Een lange lijst, opgesteld door wetenschappers in functie van de federale overheid. Professor aan de faculteit Food Safety van de UGent Bruno De Meulenaer was er ook en luisterde ontsteld naar de nieuwe adviezen, gaande van gevaarlijke plastic bakjes in de microgolfoven tot plastic flessen die schadelijke chemische stoffen bevatten.

“Net alsof ze een horrorverhaal ophingen”, aldus De Meulenaer. “Neem het advies om geen plastic bakjes in de microgolfoven te stoppen. Veruit het meest gebruikte materiaal voor zulke bakjes is polypropyleen. Daar is niks mis mee, in harde of zachtere vorm. Endocrien verstorende stoffen zitten daar niet in. Toch komt de Gezondheidsraad met het argument dat plastic hormoonverstorend kan werken. Het klopt dat er bij contact van levensmiddelen met plastic altijd een overdracht aan componenten plastic is met het voedsel in kwestie. Maar daar bestaat al lang een wettelijk kader voor, gebaseerd op toxicologisch onderzoek. Een vastgelegde hoeveelheid van zo’n stof kan je dagelijks opnemen zonder dat je daar op termijn ziek van wordt. Dat is een bevinding gebaseerd op onderzoek, mét ingebouwde veiligheidsmarge. Ook ftalaten of zogenaamde weekmakers voor PVC-verpakkingen vind je niet terug in microgolfovenbakjes. PVC wordt nagenoeg niet meer gebruikt als verpakking voor levensmiddelen.”

De Meulenaer wil niet blind blijven voor voortschrijdend inzicht, vindt dat de wetenschap zich vragen moét blijven stellen. Maar hij heeft het niet begrepen op de omgekeerde logica die de Gezondheidsraad volgens hem hanteert. “In plaats van aantonen dat iets ongezond is moet je nu kunnen bewijzen dat iets wel gezond is. Ze draaien de bewijslast om. Terwijl daar niet eens procedures voor bestaan. Ik ontken niet dat er stoffen zijn die hormoonverstorend kunnen werken. Over bisfenol A in het polycarbonaat waaruit babyflesjes vroeger bestonden, heerst consensus dat het hormoonverstorend kan zijn. Vandaag is het gebruik van polycarbonaat voor kindervoeding verboden. Toch lijkt het op paniekzaaierij, wat de Gezondheidsraad nu doet. Ik begrijp niet waarom. En dus denk ik dat we hun adviezen sterk moeten nuanceren.”

Peter Ragaert Voedselveiligheidsexpert “Wat de Hoge Gezondheidsraad eigenlijk doet, is zeggen dat de Europese wetgeving niet voldoet”

De Meulenaer wordt bijgetreden door collega-voedselveiligheidsexpert Peter Ragaert. “Wat de Hoge Gezondheidsraad eigenlijk doet, is zeggen dat de Europese wetgeving niet voldoet. Als een fabrikant een verpakking op de markt brengt, heeft die verpakking moeten voldoen aan strikte voorwaarden. Een plastic flesje voor cola heeft bijvoorbeeld een test met azijnzuur doorstaan om te zien dat niet meer dan een bepaalde hoeveelheid plastic-component met de drank mengt. Tien milligram per vierkante decimeter, om precies te zijn. Is het meesurfen op de trend tegen plastic wat de Gezondheidsraad nu doet?”

Mensen onnozel maken

De aanbevelingen van de Hoge Gezondheidsraad beperken zich niet tot verpakkingen, de lijst is veel langer. Ook voor cosmetica met vermeende hormoonverstorende werking en levensmiddelen zelf wordt gewaarschuwd. Aangebrand stukje vlees op de barbecue? Vermijden! Hendrik Cammu zucht. Hij is arts verbonden aan de VUB en auteur van het boek Wat moet ik nu geloven dokter? “Misschien is de bezoeker van een barbecue ook een roker, en is hij te dik, andere factoren die ervoor kunnen zorgen dat je ziek wordt. Het probleem is dat veel van de aanbevelingen onmogelijk zijn om te onderzoeken. Hoé ga je onderzoeken of eten uit plastic potjes in de microgolfoven schadelijk is? Ondoenbaar. Onderzoekers kijken dan naar de relatie tussen het plastic in de microgolf en het eten. Dan vindt men bijvoorbeeld een partikeltje plastic in dat eten en besluit men: kan niet gezond zijn. Het resultaat van zo’n beperkt onderzoek is een zogenaamd intermediate endpoint. Onmogelijk om daaruit af te leiden dat de kans op kanker met zoveel procent stijgt. Met 1001 voorschriften maken ze mensen onnozel. Terwijl je het meeste met gezond verstand kan weten. Een zwart worstje moet je niet eten. Het is ook niet lekker.”

Cammu is niet a priori tegen de Hoge Gezondheidsraad. “Maar ik zie ze liever komen met adviezen waarvan de werking effectief bewezen is. Zoals hun aanbeveling in 2017 om jongens te vaccineren tegen HPV (een virus dat altijd in verband gebracht werd met vrouwen, red.). Als dan blijkt dat er effectief minder gevallen van peniskanker zijn, dan zeg ik: proficiat.” Nu dus niet.

Voorzitter adviesraad: “We zijn ons ervan bewust dat er niet voor alles hard bewijs is”

Emeritus professor Nik Van Larebeke reageert namens de Hoge Gezondheidsraad op de kritiek van collega’s. “In België zijn er zo’n 300 benoemde experten op wie de Gezondheidsraad een beroep kan doen. We adviseren de regering, meer macht hebben we niet. Bij het establishment van de wetenschap bestaat de neiging om pas iets te verwerpen als 100 procent bewezen is dat het ongezond is. Bij het formuleren van de nieuwe gezondheidsadviezen zijn we er ons van bewust dat er niet noodzakelijk voor elke maatregel hard bewijs is. Maar we baseren ons wel op een kolossaal aantal onderzoeksgegevens, onder meer van autoriteiten inzake hormoonverstoring, die ons reden geven om ongerust te zijn. Zo blijkt dat de vrijstelling van mogelijk schadelijke stoffen toeneemt als je plastic verwarmt. De Europese wetgeving voor verpakkingen voldoet niet, nee. Vergelijk het met de klimaatproblematiek: met de business as usual komen we er niet, zullen we er nooit in slagen om beschavingsziektes als kanker en diabetes terug te dringen. Terwijl de omvang van het probleem zo groot is dat we best afstappen van een soort negationisme.”(kbz)