Greg Van Avermaet over zondag: “Ik geef mezelf twee kansen op tien maar meer heb je soms niet nodig”

Foto: BELGA

Greg Van Avermaet (34) geeft zichzelf “twee kansen op tien” om zondag wereldkampioen te worden. Het parcours ligt hem uitstekend, maar het weer valt tegen. “Ik haal mijn beste resultaten als de zon schijnt.”

De weerapp op de telefoon van Greg Van Avermaet was de voorbije dagen een soort running joke in Yorkshire. Alles en iedereen voorspelde regen en wind komende zondag, maar Van Avermaet hield vol dat het toch zonnig zou zijn. Tot gisteren. Hij gebruikt Weatheronline en ook daar ziet hij nu alleen wolkjes en regendruppels. “Tot woensdag was het nog zon, zon, zon. Nu is het plots de slechtste dag van de week geworden. Spijtig.” (lacht)

De weersverwachting voor zondag is best belangrijk voor Van Avermaet, die bij uitstek een mooiweerrenner is. “Ik heb goed weer nodig”, zegt hij. “Daarin haal ik mijn beste resultaten. Ik ben niet blij als ik al nu de weersverwachting zie.”

Voor het eerst schijfremmen

Het moet gezegd: los van het weer ziet Van Avermaet het wel zitten. Het parcours noemt hij het beste sinds Richmond 2015. “Dat was het eerste WK dat ik als kopman reed en die omloop was helemaal op mijn lijf geschreven. Van alle WK’s die ik sindsdien heb gereden, leunt Yorkshire daar het dichtst bij aan.”

Ook de afstand – 285 kilometer – speelt Van Avermaet natuurlijk in de kaart. Hij verwacht dat het zondag een uitputtingsslag wordt. Een race waarvan niemand precies weet wat die met het lijf zal doen. “Niemand is zeker dat hij er straks bij is in de finale”, aldus Van Avermaet. “Mathieu van der Poel niet, maar ook ik niet.”

Van Avermaet benadrukte gisteren heel vaak dat positioneren cruciaal zal worden. “Het is een heel technisch parcours, met veel bochten. Als je achteraan zit, zal het veel krachten kosten om terug te keren.” Hij noemde de omloop niet gevaarlijk, maar voorspelt tegelijk “dat er zeker valpartijen komen” op de smalle wegen, die vaak begrensd zijn door de typische hoge muurtjes in steen. Voor het eerst in zijn carrière zal hij zondag met schijfremmen rijden om de remafstand in natte omstandigheden zo kort mogelijk te maken. Een voordeel noemt Van Avermaet het dat België eerste staat in de UCI-ranking en dat we zo een volgwagen hebben die vooraan in het konvooi zal rijden.

Op de persconferentie kwam de onvermijdelijke vraag hoe de Belgen het tactisch moeten gaan aanpakken. Van Avermaet vindt niet dat we heel dominant moeten zijn: “Het is geen schande om de race af en toe eens te ondergaan. Attent voorin, maar zonder de koers echt te maken.” De bondscoach wil zondag een blauwe vlek zien in het peloton en Van Avermaet beaamt: “We moeten dicht bij elkaar zitten om te communiceren. Philippe en ik zullen als kopmannen de rest aansturen.”

Als Van Avermaet alle minnen (het weer, Mathieu van der Poel) en plussen (het parcours, de kracht van de Belgische ploeg) afweegt, geeft hij zichzelf een magere “twee kansen op tien” om de wereldtitel te pakken in York­shire. “Veel is dat niet, maar soms heb je ook niet meer nodig.”