Onderzoek nadat stagiairs wanpraktijken in basisscholen aanklagen: “Kleuters vastbinden op hun stoel: dat moet stoppen”

Themabeeld Foto: Leo De Nijn

Leerkrachten die kleuters met ducttape vastbinden aan een stoel of kinderen in de lagere school opsluiten in een piepkleine bezemkast. Hogeschool UCLL kreeg verschillende alarmerende signalen van studenten die tijdens hun stage getuige waren van zulke praktijken. Onderzoek moet het fenomeen voor het eerst in kaart brengen. “Om het meteen een halt toe te roepen”, zegt onderzoekster Elke Emmers.

“Honderd jaar geleden was het schering en inslag. Kinderen kregen slaag met de regel en werden opgesloten in de kast. Daarna hebben we er lang niets over gehoord. Alleen gebeurt het nog steeds: het is nu in de taboesfeer beland.” Elke Emmers staat aan het hoofd van een onderzoeksgroep aan hogeschool UC Leuven Limburg die voor het eerst het fenomeen van ‘vrijheidsberovende maatregelen’ in het basisonderwijs in kaart wil brengen.

Aanleiding zijn verontrustende signalen van studenten in de lerarenopleiding. Volgens Emmers gaat het om vijf tot zeventien jongeren die tijdens hun stage in verschillende basisscholen getuige waren van alarmerende praktijken. “We hoorden verhalen van kinderen die zijn vastgebonden aan een stoel met ducttape of een riem”, zegt ze. “Anderen moesten voor een bepaalde tijd in een donkere bergruimte of een bezemkast op de gang. In erbarmelijke omstandigheden, tussen de poetsproducten.” Het gaat om kinderen die de klas constant op stelten zetten of systematisch de leraar tegenspreken.

Toenemende druk

Waarom die verhalen nu plots naar boven komen, is onduidelijk. “Mogelijk heeft het te maken met de toenemende druk op ons onderwijs”, zegt Emmers. “Er komen steeds meer meldingen van gedragsproblemen, de klassen worden groter en de middelen schaarser. Leerkrachten zitten niet op hun tandvlees, maar gaan er helemaal door. Daardoor kiezen ze soms voor zo’n drastische maatregelen.”

Een analyse die ook pedagoog Pedro De Bruyckere (Arteveldehogeschool/Universiteit Leiden) deelt. “Het is een grote uitdaging voor leerkrachten. Scholen denken steeds meer na over hoe ze zulke gedragsproblemen moeten aanpakken”, zegt hij. “Dat is een internationale trend, net als het grijpen naar methoden die het kind niet ten goede komen. Kinderen vastbinden of opsluiten kan nooit de oplossing zijn. Het kan een angstcultuur installeren die het leren in de klas niet ten goede komt. Wat wel werkt, is kinderen tijdelijk uit de klas verwijderen om ze te laten afkoelen en een duidelijke structuur op school invoeren.”

Clandestiene nota’s

Volgens Emmers circuleren in sommige scholen zelfs interne nota’s over het gebruik van vrijheidsbeperkende maatregelen. “Sommige van onze studenten hebben die gezien”, zegt ze. “Die zijn heel clandestien en worden eens in een klassenraad of een kernoverleg besproken. Ouders of leerlingen krijgen die niet te zien.” Nog volgens Emmers begeven scholen zich in een juridisch grijze zone omdat er geen regels bestaan over vrijheidsberovende maatregelen in het gewoon onderwijs. “In het buitengewoon onderwijs bestaan die wel vanwege de specifieke context”, zegt ze.

De UCLL gaat nu onderzoeken hoe vaak kinderen vastgebonden of opgesloten worden, door enquêtes en diepte-interviews af te nemen in het basisonderwijs. “We willen ook onderzoeken wat leerkrachten zo ver drijft”, zegt Emmers. Een rondvraag bij de koepels en het vrij CLB leert dat zij nooit zulke signalen kregen. “Het zou me alleszins verbazen mocht het structureel gebeuren”, zegt Lieven Boeve van het katholiek onderwijs.

Door Jens Vancaeneghem
VOOR ABONNEES