Louvre opent grootste da Vinci-expo ooit

Bron © BELGA

Er kwamen sowieso al 20.000 mensen per dag naar Leonardo da Vinci’s ‘Mona Lisa’ kijken. Foto: AP

In het Louvre in Parijs opent vandaag, donderdag, de langverwachte Leonardo da Vinci-expositie. De Fransen presenteren de tentoonstelling als het eindpunt van tien jaar da Vinci-onderzoek, dat een beter licht moet werpen op de artistieke technieken van de Italiaanse meester en ook zijn levensloop anders benadert. De tentoonstelling loopt tot 24 februari volgend jaar.

In het Louvre zijn ze al wel wat gewoon wat de toeloop van toeschouwers betreft, want alleen de Mona Lisa is goed voor 20.000 bezoekers per dag, maar voor deze grote da Vinci-tentoonstellng past het Louvre voor het eerst de methode van verplichte reservatie van het bezoek vooraf toe. Dat moet helpen om de toestroom van kunstliefhebbers in goede banen te leiden voor wat de grootste Leonardo-tentoonstelling ooit moet worden.

Louvre opent grootste da Vinci-expo ooit
Ook de Mens van Vitruvius mag tentoongesteld worden. Foto: REUTERS

Meevaller voor het Louvre is de beslissing van een Italiaanse rechtbank om uiteindelijk toch de tekening van de Mens van Vitruvius (een afbeelding van een man in een cirkel en vierkant die de lichaamsverhoudingen weergeeft) te laten verhuizen van de Gallerie dell’Accademia in Venetië naar Parijs voor de duur van de expositie. De Italiaanse erfgoedorganisatie Italia Nostra had eerder een klacht ingediend, omdat ze vreesde dat het delicate werk blijvende schade zou kunnen oplopen door de verhuizing, maar die klacht is uiteindelijk door de rechters verworpen. “In het verleden zijn al andere delicate prenten ontleend aan het buitenland”, luidde hun uitspraak. De rechters voegden eraan toe dat de overzichtstentoonstelling in het Louvre een “uitzonderlijke wereldwijde relevantie” heeft en dat Italië zijn “kunsthistorisch potentieel wil maximaliseren”.

Overleden “in armen van Franse koning”

Het is dit jaar 500 jaar geleden dat een van de meest geniale kunstenaars uit de geschiedenis overleed, en het was uitgerekend in Frankrijk dat Leonardo da Vinci het tijdelijke voor het eeuwige verwisselde, met name in Amboise, aan de oevers van de Loire.

De Franse renaissancekoning Frans I had Leonardo uitgenodigd en benoemde hem tot “eerste schilder, ingenieur en architect van de koning van Frankrijk”. In november 1516 streek da Vinci neer in het château du Clos Lucé, op een steenworp van de koninklijke residentie in Amboise. Da Vinci zou drie jaar doorbrengen in het kasteel en werkte er onder meer een aantal schilderijen af die hij al langer meezeulde op zijn reizen, zoals de portretten van de Mona Lisa, en de maagd Maria, de heilige Anna en Johannes de Doper. Hij ontwierp er ook tekeningen en schetsen van hydraulische projecten, decors voor feesten en een monumentaal ruiterstandbeeld.

Op 2 mei 1519 overleed da Vinci in het château du Clos Lucé, “in de armen van de koning”, volgens historicus Giorgio Vasari. Mogelijk heeft Vasari dat tafereel verzonnen, maar hij schiep met zijn beschrijving een mythe die nog lang zou voortleven.

Frankrijk bezit één derde van da Vinci’s werk

Net omdat Leonardo in Frankrijk overleed heeft het Louvre een derde van alle schilderijen van da Vinci in huis. De schilderijen die hij meebracht naar Frankrijk werden meteen aangekocht door koning Frans I en kwamen zo in de koninklijke verzameling terecht. Die omvatte toen al de Maagd op de Rotsen en La Belle Ferronnière, die al door voorganger Lodewijk XII waren aangekocht. De al formidabele collectie van het Louvre zou later nog aangevuld worden met 22 opmerkelijke tekeningen.

Naast de vijf schilderijen en de 22 tekeningen van da Vinci uit eigen bezit zullen er nog meer dan 100 andere kunstwerken van de Italiaanse meester getoond worden. Daarvoor kreeg het Louvre medewerking van de Royal Collection, het British Museum en de National Gallery in Londen, de pinacotheek van het Vaticaan, de Biblioteca Ambrosiana in Milaan, de Galleria Nazionale in Parma, de Gallerie dell’Accademia in Venetië, het Metropolitan Museum of Art in New York en het Institut de France.

AANGERADEN