“Gezondheidszorg voor asielzoekers niet efficiënt”, maar wie het moet oplossen is niet duidelijk

Bron © BELGA

Foto: MARC HERREMANS - MEDIAHUIS

De gezondheidszorg voor asielzoekers in België is ongelijk en niet efficiënt georganiseerd. Dat zegt het Federaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg (KCE) in een nieuw rapport. Het pleit voor een geharmoniseerd systeem, waarbij asielzoekers ongeacht hun statuut of verblijfplaats van dezelfde zorg zouden kunnen genieten. Maar wie verantwoordelijk moet worden voor het beheer daarvan, laat het Kenniscentrum over aan de beleidsmakers.

Elke migrant die op Belgisch grondgebied aankomt en asiel aanvraagt, krijgt voor de duur van de procedure automatisch toegang tot gezondheidszorg. Per jaar zijn dat 20.000 à 25.000 mensen, die vaker met gezondheidsproblemen te kampen hebben door hun precaire leefomstandigheden in hun land van herkomst of door gebeurtenissen tijdens hun vlucht naar Europa. Het gaat bijvoorbeeld om overdraagbare ziekten zoals tuberculose of hiv, of niet-overdraagbare ziekten zoals diabetes of hart- en vaatziekten. Sommigen lijden aan een posttraumatische stressstoornis of waren het slachtoffer van seksueel geweld.

Hoe de toegang tot de Belgische gezondheidszorg geregeld is, hangt af van het statuut en de verblijfplaats van de asielzoeker. Voor diegenen die verblijven in een collectief opvangcentrum, beheerd door Fedasil of het Rode Kruis, is gratis eerstelijnszorg voorzien. Andere asielzoekers verblijven in een lokaal opvanginitiatief onder beheer van het OCMW of van een ngo, en moeten toestemming krijgen vooraleer ze een zorgverlener raadplegen. In collectieve opvangcentra wordt het trekken van tanden, kinderbrillen, babymelk of pijnstillers vergoed, terwijl OCMW’s daar autonoom over beslissen en zelf moeten instaan voor de financiering. Voor gespecialiseerde zorg is de situatie nog complexer. En dan zijn er nog de centra voor niet-begeleide minderjarigen, waar de voogd de jongere moet inschrijven bij de verplichte ziekteverzekering.

“Financieel en organisatorisch haalbaar”

De toegang tot de zorg is dus ongelijk en niet efficiënt georganiseerd. “Het naast elkaar bestaan van parallelle systemen zorgt voor een complexiteit waarin noch de asielzoekers, noch zelfs de zorgverleners gemakkelijk hun weg vinden”, stelt KCE vast. Het stelt daarom voor om de systemen te harmoniseren en één algemene enveloppe te voorzien, die ook diensten voor preventie, gezondheidspromotie en -ondersteuning (vertalers, vervoer, enz.) omvat. Hoeveel dat zal gaan kosten, is niet bekend “bij gebrek aan volledige gegevens”. Maar het KCE schat dat dit financieel haalbaar is, omdat het gaat om een relatief beperkte groep. Eenmaal een asielzoeker is erkend, schrijft hij zich in bij het ziekenfonds en stapt hij in het reguliere zorgcircuit.

Wie dit nieuwe systeem moet gaan beheren, laat het KCE in het midden. Het schuift twee opties naar voren: ofwel worden alle asielzoekers gedekt door de verplichte ziekteverzekering (Riziv), ofwel wordt hun zorg centraal beheerd door Fedasil. “Voor de praktische invoering lijken alle opties haalbaar, maar sommige vereisen meer ingrijpende organisatorische hervormingen en andere meer technische investeringen. De impact op de werklast van de betrokken diensten werd in alle gevallen haalbaar bevonden. De bal ligt nu in het kamp van de beleidsmakers”, besluit het Kenniscentrum.