Guy Fransen

“Een billijke fiscaliteit, ook voor topvoetballers”

Ruim anderhalf jaar nadat Het Nieuwsblad kritisch vaststelde dat topsporters – voetballers op kop – niet of nauwelijks bijdragen aan onze sociale zekerheid en ook nog aardig wat fiscale voordelen genieten, is iedereen het erover eens: dit kan niet meer, toch niet op deze manier. De wetgever kende de gunst in de jaren zeventig toe aan de sporters en dat was toen valabel. Echte grootverdieners waren er raar of zelden, sporters moesten na hun carrière nog op zoek naar een andere activiteit en ze kregen een fiscaal appeltje voor de dorst om de jonge ‘sportieve pensioenleeftijd’ wat makkelijker door te komen. Tijden evolueren echter. Voetballers werden rijk, rijker, rijkst en hun gunstregime bleef bestaan. Dat leidde tot een volledig scheefgetrokken situatie in vergelijking mét – ja, waarom niet? – de normale, loontrekkende Belg.

Guy Fransen

Hoofdpunten