Dit artikel is exclusief voor jou als abonnee

Abonnee worden? Kies je leesformule

“Op de hoek van de straat neemt een onbekende een foto die de wereld zal delen. Een ontroerende foto, ze ligt nu op de feesttafel”

Jan Van Rompaey

“Op de hoek van de straat neemt een onbekende een foto die de wereld zal delen. Een ontroerende foto, ze ligt nu op de feesttafel”

Soms blijven foto’s natrillen op mijn netvlies. Ze nestelen zich in mijn fotografisch geheugen zodat ik ze naar believen kan oproepen. Begin vorig jaar was er zo’n iconische foto van de Syrische president Assad die op­gewekt door zijn marmeren paleis beent, met een lederen boekentasje in de hand. En zie, nu is er op de voorpagina van een krant alweer een foto uit hetzelfde gekwelde land. Op de achtergrond zie je het puin van het dorp Maarat al-Numan, waarover ik alleen weet dat het in de provincie Idlib ligt en platgebombardeerd is door de vliegtuigen van de langbenige crimineel in Damascus, daarbij geholpen door zijn handlanger in Moskou. Op de voorgrond zit een bejaarde vrouw, ze draagt een hoofddoek, een armoedige jas en een bruine sjaal, geen ander beeld kan de zinloze oorlog aangrijpender tekenen. Ze kijkt radeloos naar de fotograaf: in haar doffe ogen staat doodsangst te lezen. Naast haar een witte plastic zak, met daarin allicht alles wat ze heeft kunnen redden. Dat is niet veel, de witte zak is niet groot. Met haar rechterhand wist ze de tranen van haar doorgroefd gelaat, haar linkerhand rust op een grijze deken op haar schoot met daaronder het warme lijfje van een rosse poes, je ziet alleen maar de kop en twee gespitste oren.

De poes kijkt op haar ellebogen peinzend naar het puin, en naar een lichtblauw nachtkastje dat een bombardement overleefde. De ramen van een huis zijn dichtgetimmerd, de rolluiken van een winkel zijn ...