Wie houdt Mathieu van der Poel van een derde wereldtitel? Belgen geven zich op voorhand niet gewonnen

Bron © BELGA

Foto: George Deswijzen

Mathieu van der Poel kroonde zich tot wereldkampioen in 2015 in Tabor en in 2019 in Bogense. Zondag kan hij daar een derde regenboogtrui aan breien. De Nederlander is met 23 op 24 overwinningen dé topfavoriet in Dübendorf.

Mathieu van der Poel koerste het voorbije seizoen minder wedstrijden dan de voorbije jaren, maar waar hij startte, was hij bijna altijd aan het feest, behalve in Ronse waar Toon Aerts hem wist te verslaan. Van der Poel kwam toen immers net terug van stage en had nog wat last van vermoeide benen. Meer moest daar niet achter gezocht worden, daags nadien wist hij de concurrentie gewoon weer uit het wiel te slaan in Overijse. “Ik heb dat goede gevoel nog niet te pakken”, klonk het verschillende keren in november en december, “maar ik werk hard om mijn beste vorm te halen.” Geen goede vorm, maar zelfs dan heerste de kleinzoon van Raymond Poulidor in het veld.

“Hij heeft de hoop weer de kop ingedrukt”

“In november en december gaf Mathieu nog de indruk dat hij niet al te goed was, dat er hoop was”, stelde bondscoach Sven Vanthourenhout, “maar die hoop heeft hij de kop ingedrukt afgelopen zondag in Hoogerheide. Daar was hij opnieuw 100% en dan is hij moeilijk te verslaan.”

Toch wanhoopt de Belgische ploeg niet. “Je moet je vooraf niet gewonnen geven”, vindt Toon Aerts, “anders moet je gewoon niet starten. Natuurlijk weten we allemaal wat Mathieu kan, maar je moet het proberen. En bovendien gaat het om een WK, dat is toch een andere wedstrijd. Wij gaan ons uiterste best doen.”

“Mathieu is ook maar een mens”, klonk het bij Laurens Sweeck op datzelfde persmoment vrijdagochtend in het teamhotel. “Hij kan ook een een slechte dag hebben.” “We moeten hopen dat hij het zelf verprutst”, vatte Eli Iserbyt het samen.

Van Belgische zijde moet gekeken worden naar Toon Aerts en Eli Iserbyt. Aerts wist de Nederlander te verslaan in Ronse en bood stevig weerwerk in Namen. Iserbyt was vaak tweede na Van der Poel. Zij moeten het waarmaken voor de Belgische selectie. “Iedereen die start, kan wereldkampioen worden”, aldus Iserbyt, “maar om Mathieu te kloppen moet hij een offday hebben en wij een superdag.”

Wout van Aert tempert de verwachtingen

Dit WK moet er niet gekeken worden naar Wout van Aert. Die is blij dat hij er weer bij is na zijn horrorblessure bij z’n val in de Tour de France. Met slechts vijf crossen in de benen, waarvan één keer een podiumplaats in Zonnebeke, mag niet verwacht worden dat hij het Van der Poel moeilijk kan maken. “Ik hoop op een top vijf”, stelde Van Aert, al droomt hij misschien stiekem van het podium.

Andere kanshebbers op eremetaal zijn Tim Merlier die zondag een parcours op maat vindt en Laurens Sweeck. Verder is Michael Vanthourenhout een kampioenschapsrenner met eerder al zilver op het WK in Valkenburg in 2018 en vorig jaar een vierde plaats in Bogense. En om niet enkel van een BeNe-WK te spreken, voegen we nog Tom Pidcock toe bij de outsiders. De Brit heeft toegewerkt naar dit WK en geeft altijd het volle pond, al is zijn foutenlast wellicht te hoog om een plekje op het podium te versieren.

Verkenning parcours WK veldrijden. Video: Het Nieuwsblad

Door Michiel Verheirstraeten
AANGERADEN