Amnesty klaagt mogelijke oorlogsmisdaden van Nigeriaans leger op burgerbevolking aan

Bron © BELGA

Foto: REUTERS

Het Nigeriaanse leger heeft in het noordoosten van het land volledige dorpen platgebrand en de burgers verdreven als reactie op het onlangs toegenomen geweld door de gewapende islamistische groepering Boko Haram. Dat zegt Amnesty International nadat de mensenrechtenorganisatie in de staat Borno sprak met getroffen dorpsbewoners en satellietgegevens van de regio analyseerde. Amnesty vraagt dat er een onderzoek komt naar mogelijke oorlogsmisdaden.

Boko Haram onderneemt sinds december vorig jaar beduidend meer aanvallen langs de belangrijke weg tussen Maiduguri en Damaturu, de hoofdsteden van de staten Borno en Yobe. Als reactie grijpt het Nigeriaanse leger naar onwettige praktijken, aldus Amnesty.

De organisatie sprak met twaalf mannen en vrouwen die begin januari uit hun woningen in drie dorpen werden verdreven. Nigeriaanse militairen brandden daarop de dorpen plat. De bewoners moesten alles achterlaten, waaronder de oogst die ze gestockeerd hadden.

Amnesty International klaagt ook de willekeurige opsluiting aan van zes mannen uit de verjaagde dorpen. De mannen werden bijna een maand zonder contact met de buitenwereld vastgehouden en mishandeld. Op 30 januari werden ze, zonder in beschuldiging te zijn gesteld, vrijgelaten. De mensenrechtenorganisatie zegt dat het die inbreuk al vaker documenteerde tijdens het decenniumlange conflict in het noordoosten van Nigeria.

“Het brutaal vernietigen van volledige dorpen en het onder dwang verwijderen van de inwoners zonder militaire noodzaak, moeten onderzocht worden als potentiële oorlogsmisdaden”, aldus Osai Ojigho, directeur van Amnesty International Nigeria. Volgens hem mag de regering de misdrijven niet onder de mat vegen. “De misdrijven van het leger tegen de burgerbevolking vormen onderdeel van een hardnekkig patroon. Troepen die verantwoordelijk zijn voor dergelijke inbreuken moeten geschorst worden en voor de rechter gebracht worden.”

AANGERADEN