Laatste rechte lijn naar proces over aanslagen in Brussel

Bron © BELGA

Foto: BELGA

Brussel / Zaventem -

Voor de Brusselse raadkamer gaat woensdag de voorlaatste procedurele fase van start voor het tot een proces komt over de aanslagen van 22 maart 2016 in Brussel en Zaventem. De raadkamer moet beslissen welke verdachten moeten terechtstaan voor het hof van assisen of de correctionele rechtbank, dan wel buiten vervolging worden gesteld. Het zal wel nog even duren voor de raadkamer tot een beslissing komt. Minstens twee advocaten van verdachten hebben al aangekondigd dat ze bijkomend onderzoek vragen, zodat de zaak uitgesteld zal moeten worden.

De aanslagen van 22 maart op de luchthaven Brussels Airport en in het metrostation Maalbeek kostten het leven aan 32 mensen, terwijl zo’n 340 personen gewond raakten. Beide aanslagen kwamen een viertal maanden na de aanslagen op 13 november 2015 in Parijs en waren het werk van dezelfde cel IS-terroristen. Drie terroristen, Najim Laachraoui en Ibrahim en Khalid El Bakraoui, lieten die dag het leven, maar in de weken en maanden nadien werden in totaal dertien verdachten in verdenking gesteld. Een groot deel van hen zit nog steeds in voorlopige hechtenis. Verschillende van hen zijn ook in verdenking gesteld in het onderzoek naar de aanslagen van 13 november 2015 in Parijs en enkelen, zoals Salah Abdeslam, zitten al in een Franse gevangenis.

Het federaal parket wil nu acht verdachten laten terechtstaan voor het assisenhof. Het gaat om Salah Abdeslam, Oussama Atar, Mohamed Abrini, Sofien Ayari, Osama Krayem, Ali El Haddad Asufi, Bilal El Makhoukhi en Hervé Bayingana Muhirwa. Voor Smail en Ibrahim Farisi vraagt het federaal parket de doorverwijzing naar de correctionele rechtbank, en voor Faycal Cheffou, Brahim Tabich en Youssef El Ajmi wordt de buitenvervolgingstelling gevraagd.

Bijkomend onderzoek

Zowel de advocaat van Mohamed Abrini, Stanislas Eskenazi, als de advocaat van Ali El Haddad Asufi, Jonathan de Taye, heeft al aangekondigd bijkomend onderzoek te zullen vragen. Eskenazi wil dat er meer duidelijkheid komt over de redenen die een aantal Belgische jongeren ertoe hebben aangezet naar Syrië te vertrekken om er zich aan te sluiten bij een terroristische organisatie en vervolgens naar Europa terug te keren om aanslagen te plegen. De Taye kondigt enkel aan een 20-tal bijkomende onderzoeksdaden te zullen vragen.

Geconfronteerd met die vragen tot bijkomend onderzoek zal de raadkamer zich gedwongen zien de zaak voor onbepaalde tijd uit te stellen. De onderzoeksrechters die het onderzoek naar de aanslagen hebben geleid, moeten nu eerst beslissen of ze ingaan op die vragen tot bijkomend onderzoek. Doen ze dat niet, dan kunnen de advocaten tegen die weigering in beroep gaan bij de kamer van inbeschuldigingstelling.

Voor assisen

Van zodra een definitieve beslissing is gevallen over het bijkomende onderzoek, of die onderzoeksdaden uitgevoerd zijn, zal de zaak opnieuw voor de raadkamer komen, waar dan conclusies zullen uitgewisseld worden en gepleit zal worden over de doorverwijzing van de verschillende verdachten. Beslist de raadkamer dat een of meerdere verdachten voor het hof van assisen moeten terechtstaan, dan moet de zaak eerst voor de kamer van inbeschuldigingstelling gebracht worden, die zich dan definitief moet uitspreken over de doorverwijzing.

Een eventueel assisenproces over de aanslagen zou in september 2021 moeten beginnen, in de voormalige Navo-gebouwen in Evere.