Artsen Zonder Grenzen:“Offensief in Idlib dreigt tot hopeloze situatie voor bevolking te leiden”

Bron © BELGA

Foto: AFP

De ongeveer 900.000 vluchtelingen die door het geweld in de Syrische provincie Idlib op de vlucht zijn gedreven, dreigen in een “hopeloze situatie” terecht te komen. Zo waarschuwt Artsen zonder Grenzen woensdag. De medische hulporganisatie zegt dat het steeds moeilijker wordt om aan alle noden te voldoen.

In het noordwesten van Syrië hebben het Syrische leger en de Russische geallieerden een offensief opgestart op de laatste rebellenbastions. De luchtaanvallen, die gepaard gaan met een grondoffensief, hebben sinds 1 december al zowat 900.000 mensen op de vlucht gedreven uit de dorpen en kampen ten westen van Aleppo.

Door het offensief op de laatste veilige zone in Syrië, weten veel mensen niet meer waar ze moeten schuilen. Mensen installeren hun tenten in de heuvels of slapen langs de wegen in openlucht, zo beschrijft Artsen zonder Grenzen de huidige toestand. “De leefomstandigheden zijn onmenselijk en de mensen vinden amper beschutting tegen de winterkou.”

Aanvallen in veilige zones

Julien Delozanne, landcoördinator van Artsen Zonder Grenzen in Syrië, zegt dat de getroffen mensen “in een hopeloze situatie” dreigen terecht te komen. “De aanvallen vinden nu plaats in zones die voordien als veilig beschouwd werden. Mensen vluchten naar het noorden, naar een klein gebied tussen de frontlinie in het oosten en de gesloten Turkse grens in het westen. De leefomstandigheden voor de bewoners van deze kampen zijn verschrikkelijk. Als de militaire operatie zich op deze manier verderzet, zal de nieuwe toestroom van mensen de situatie enkel verslechteren.”

Artsen Zonder Grenzen zegt basismiddelen als dekens, winterkledij en hygiënekits te hebben uitgedeeld aan meer dan 13.000 mensen, verspreid over meer dan twintig kampen. Daarnaast werden tienduizenden mensen van drinkbaar water voorzien. Maar het wordt steeds moeilijker om aan alle noden te voldoen, aldus Artsen zonder Grenzen.