Vlamingen laten zich opmerkelijk meer screenen voor darmkanker dan Franstaligen

Bron © BELGA

Een infomoment rond darmkanker en screening. Foto: fdv

De screening voor darmkanker heeft al een impact op de volksgezondheid, want het aantal kankers van de dikkedarm daalt, zo stelt de Stichting tegen Kanker naar aanleiding van de internationale maand tegen darmkanker. Toch is er ruimte voor verbetering, want er zijn nog te veel mensen die niet meedoen aan de screening, zowel in Vlaanderen (waar in 2017 50,7 procent deelnam) maar vooral in het Franstalige landsgedeelte (waar minder dan 20 procent deelnam).

“Dat verschil tussen Nederlands- en Franssprekenden is nog niet onderzocht”, zegt dr. Mathijs Goossens van de Stichting tegen Kanker. “Er zijn wel een aantal pistes waar je aan kunt denken, omdat er bepaalde verschillen bestaan tussen het programma in Vlaanderen en Wallonië. De bevolkingsonderzoeken worden namelijk door de deelstaten georganiseerd.”

LEES OOK. Hoopgevend nieuws: overlevingskansen van kankerpatiënten nemen toe, vooral het succes bij longkanker springt in het oog (+)

De darmkankertest is overigens identiek dezelfde, de doelgroep is gelijk (50-74 jaar, de frequentie is ook hetzelfde (elke twee jaar), na de test kun je de tube opsturen per post en in beide gemeenschappen is het volledig gratis. “Dus dat kan het niet zijn”, vervolgt dokter Goossens. “Wel zijn er verschillen binnen het programma: in Vlaanderen stuurt men de volledige kit in één keer naar de doelgroep: uitnodiging, uitleg, test, retour envelop. Je hoeft dus werkelijk je huis niet uit. In Wallonië krijg je (als je nog nooit een test terugstuurde) alleen de brief en de uitleg. Met die brief kun je naar de huisarts om de test te gaan vragen, of je contacteert www.depistageintestin.be of 0800/16.061 om hem thuis gestuurd te krijgen. De drempel is dus iets hoger dan in Vlaanderen”. Er is wel een uitzondering op die regel: als je één keer deelneemt én het resultaat geruststellend was, krijg je de test twee jaar later ook in Wallonië meteen in de enveloppe van de uitnodiging. In Brussel is het zoals in Wallonië, maar kun je de test alleen gaan halen bij de apotheek.

Ander verschil volgens dr. Goossens: hoewel de test in elk landsdeel volledig gratis is (inclusief verzendings- en analysekosten), moet je een doktersconsultatie betalen indien je ervoor naar de huisarts gaat. “Dat gebeurt met de normale terugbetalingsregeling. Zoals eerder gezegd is een doktersconsultatie echter niet absoluut noodzakelijk in Wallonië.”

Nog een verschil: als er na acht weken geen antwoord komt van die persoon, krijgt die in Vlaanderen nog een rappel per brief. Telkens wordt onderstreept dat deelname de eigen keuze is, maar in Vlaanderen ziet men toch dat tien procent extra deelneemt door die rappelbrief. In Wallonië is er geen dergelijk centraal rappelsysteem, maar kan de huisarts wel een herinnering sturen indien de test daar werd gehaald.

In Vlaanderen krijgt de deelnemer het resultaat per post, en dat resultaat gaat ook naar zijn arts (via beveiligde elektronische weg). In Wallonië gaat het resultaat alleen naar de huisarts en moet de deelnemer zijn arts na ongeveer een week opbellen.

Voorts stipt dokter Goossens nog aan dat Vlaanderen organisaties heeft gecreëerd die preventie lokaal moeten stroomlijnen: de Logo’s. In Wallonië wordt die rol opgenomen door l’AVIQ en de CLPS. Tot nu toe was CLPS niet erg actief voor de screening van dikkedarmkanker, maar dat zou veranderen in 2020.

Vraag is hoe Stichting tegen Kanker het aantal deelnemers denkt te kunnen verhogen? “Een goed eerste idee lijkt te zijn om het Vlaamse systeem op kleine schaal te testen in Wallonië”, reageert dr. Mathijs Goossens. “Je zou dus de programmaverschillen tijdelijk wegnemen voor bijvoorbeeld 10.000 mensen, en kijken of daardoor plots 50 procent deelname wordt gehaald bij die groep. Hoewel er waarschijnlijk een verhoging zou zijn, lijkt het onwaarschijnlijk dat daardoor alleen 50 procent gehaald kan worden, maar het is zeker de moeite om dat te proberen, lijkt ons.”