Jolien D’hoore en Lotte Kopecky vierde in ploegkoers op WK: “We staan er weer en dat is hoopgevend voor Tokio”

Foto: AFP

Jolien D’Hoore en Lotte Kopecky zijn op het WK baanwielrennen in Berlijn vierde geëindigd in de ploegkoers. De zege was voor het Nederlandse duo Kirsten Wild en Amy Pieters. “Vierde is de meest ondankbare plaats, maar we hebben elkaar weer gevonden en dat is net op tijd voor Tokio.”

Titelverdediger Nederland, met het duo Kirsten Wild en Amy Pieters, zetten meteen de toon door de eerste sprint te winnen. D’hoore en Kopecky zaten iets te ver en scoorden niet. Daarna stokte het in een aflossing en ook in spurt twee, gewonnen door de Australiërs Amy Cure en Annette Edmondson. Ook de derde sprint, opnieuw gewonnen door Nederlander, werd niks voor de Belgen.

België scoorde daarna de eerste punten: Kopecky werd na Italië tweede en dat leverde drie punten op. De Belgen waren gelanceerd en wonnen zelfs de vijfde sprint. Met echt punten rukten ze daardoor op naar de tweede plaats, achter Nederland. Maar in de volgende sprint scoorden ze niet: Italië was de snelste en de Belgen zakten naar plaats drie en later naar vijf na onder meer twee keer op rij spurtwinst voor Frankrijk (Clara Copponi en Marie le Net). België kon alleen maar aanklampen en verloor verder terrein. In sprint tien sprokkelden ze nog een punt. Met nog twee sprinten te gaan stond België op plaats vijf, op vier punten van brons. In de voorlaatste sprint werden de Belgen derde en naderden ze het podium. De slotsprint (met dubbele punten) moest de beslissing leveren. Daarin scoorden de Belgen twee punten. Finaal werden D’hoore en Kopecky vierde. Nederland won, voor Frankrijk en Italië.

“Vierde is de meest ondankbare plaats op een kampioenschap, maar we hebben het laten liggen in het begin”, reageerde D’hoore achteraf. “De eerste dertig ronden was het chaos alom, het was supergevaarlijk. Overal reden er renners, ook al is het een brede piste (grijnst). Daarom pakten we geen punten en dat kwam ons op het einde duur te staan. De ploegkoers is in principe minder gevaarlijk dan een puntenkoers, maar nu was het toch wat anders. Ik had schrik. Ik zei het eerder al: vroeger was het winnen of vallen. Maar al dat blessureleed heeft mij toch wat veranderd. Maar ik was niet de enige hoor.”

In de slotsprint kwam Kopecky nog bijna ten val. “Het is ongelooflijk, die vrouwen kijken niet als ze moeten aflossen”, aldus de renster van Lotto Soudal.

Jolien D’hoore en Lotte Kopecky vierde in ploegkoers op WK: “We staan er weer en dat is hoopgevend voor Tokio”
Nederland pakte goud. Het zilver was voor Frankrijk, het brons voor Italië. Foto: REUTERS

D’hoore en Kopecky werden in 2017 samen wereldkampioen, toen de ploegkoers voor vrouwen voor het eerst op het programma werd gezet. Een jaar later konden ze hun titel in Apeldoorn niet verdedigen door een elleboogblessure van Kopecky en moest D’hoore de baan in met juniore Shari Bossuyt. Vorig jaar kende Kopecky in het Poolse Pruszkow een complete offday en werd het duo pas zevende. In de aanloop naar dit WK reden D’hoore en Kopecky ook weinig samen doordat D’hoore begin vorig jaar haar sleutelbeen brak en ik juli een elleboogbreuk opliep.

“Als je de aflossingen bekijkt, moeten we toegeven dat we de afgelopen twee jaar een achterstand hebben opgelopen”, zegt Kopecky. “We hebben door blessures in de voorbereiding ook niet veel samen kunnen rijden.”

D’hoore is echter positief: “Die vierde plaats op het WK bewijst dat we elkaar weer gevonden hebben. We maken progressie en dat belooft voor de Spelen. De aflossingen zijn wel goed, maar we moeten nog beter op elkaar ingespeeld geraken. We hebben de laatste tijd ook veel getraind op de ploegenachtervolging en niet op de ploegkoers. We zaten weinig op onze gewone fiets. Dus het kan in Tokio een pak beter worden. Ik ben ook blij dat we teruggeknokt hebben. Op het einde kwamen wij er door terwijl andere landen naar huis werden gereden. Dat is positief. Die 120 ronden kunnen we zeker aan. We probeerden ook een groter verzet uit en dat is ook meegevallen. Vierde is ook niet slecht en er zit nog progressiemarge op. Deze prestatie hadden we nodig. We zijn er door aan het komen en dat is net op tijd voor de Spelen, waar een medaille zeker mogelijk is. Weet je: vier jaar geleden was ik op het WK vierde in het omnium maar pakte ik later in Rio brons. Dat mag nu opnieuw gebeuren, maar dan in de ploegkoers. Al mag de medaille ook een ander kleurtje hebben.”

Kopecky rijdt zondag nog de puntenkoers. “Ik ga goed uitrijden, rusten en dan weer vlammen. We zien wel wat dat oplevert.”

Door Van onze reporter in Berlijn Werner Bourlez
AANGERADEN
Meest recent