RECENSIE. ‘Calm’ van 5 Seconds of Summer: Graag wat meer eergevoel **

Nomen est omen. De bandnaam 5 Seconds of Summer geeft het weg, net als de titel van hun vierde langspeler, Calm: het mag allemaal niet té lang té plezant zijn. De fans die hoopten op een terugkeer naar de heerlijke naïeve poppunk van weleer, zijn dan ook flink genaaid: de Australiërs trekken de electropop van voorganger Youngblood gewoon door.

Dat levert een hoofdzakelijk ongeïnspireerde en soms ronduit saaie rit op: Bastille-achtige koortjes en percussie (maar dan niet beter gedaan), een Billie Eilish-beat (maar dan niet beter gedaan), een Ed Sheeran-getint klagertje met akoestische gitaar (maar dan niet beter gedaan). Hier en daar gaat de autotune zelfs zo hard in het rood dat hij dreigt te barsten.

Nochtans siert het de bandleden – nog steeds jonge twintigers – dat ze opnieuw de grootste hand hadden in hun eigen songwriting. En af en toe is het er ook knal op. Denk aan het rake Teeth, dat wordt voortgestuwd door een machinaal ritme. En Wildflower, dat klinkt als een fijne hedendaagse versie van wat in wezen een klassiek, degelijk boybandnummer is. Nu alleen nog het geduld en het eergevoel om te wachten met een release tot het middelmatige vulsel is weggevijld.

‘Calm’, 5 Seconds of Summer, nu uit bij Universal

Door Benjamin Praet