PODCAST BEESTENKLAP: Waarom fluit de ene vink in het Limburgs, en de andere in het West-Vlaams?

Foto: Het Nieuwsblad

In aflevering 2 van Beestenklap – onze podcastreeks over pratende dieren – duiken we in de mooiste dierentaal van allemaal: die van de vogels. En wat blijkt? Een vink in Limburg heeft een andere tongval dan één in West-Vlaanderen.

Het is een caféweetje waarmee u direct kan uitpakken, als de café’s weer open gaan: ook vogels hebben dialecten. De reden daarvoor is simpel: net zoals wij, leren vogels hun taal van hun ouders. Van hun papa meerbepaald. Die doet niet bewust aan pre-teaching; neen, die is – als hij op het nest zit – eigenlijk al andere vrouwen aan het versieren. Hij fluit naar elke vrouwtjesvink die passeert. En die kleine, piepende mormels in het nest, die nemen dat gewoon over. Ze leren al op heel jonge leeftijd hoe ze hun fantastische zangorgaan kunnen gebruiken, en spreken bijgevolg ook het dialect van hun papa.

Maar wat gebeurt er dan als er géén papa op het nest zit te fluiten? Dat, en nog veel andere interessante caféweetjes, vertellen vogelkenner Koen Leysen (Natuurpunt) en reporter Jeroen Deblaere in deze aflevering van Beestenklap. Beluister het hier, en dan klinkt al dat gekwetter bij de ochtendstond u plots als muziek in de oren.

 

 

 

Door Jeroen Deblaere
AANGERADEN