Abonnee worden? Kies je leesformule

“En toch denken wij, volwassenen, stiekem dat we nog altijd een toptalent zijn omdat we ooit tweede waren in een schoolcross”

Lotte Debrouwere

“En toch denken wij, volwassenen, stiekem dat we nog altijd een toptalent zijn omdat we ooit tweede waren in een schoolcross”

“Polleke en Pulleke loop ik er nog wel af”. Jef Delen, beter bekend als Jefke van voetbalclub Westerlo, is eerlijk over zijn sportprestaties. Hij loopt nog sneller dan zijn twee landschildpadden thuis, maar dat is het dan.“Als ik tien kilometer loop, moet ik zien dat ik niet omver val.” Jef Delen heeft het tenminste nog gemaakt in de voetballerij. 12 jaar bij Westerlo en de beker gewonnen toen hij in de finale als enige de goal maakte. Hier zeg ik dat ook vaak. Dat ik net nog sneller loop dan Elewiet. Elewiet is de egel die hier af en toe over het gras dribbelt. Met zijn neus vooruit, recht op doel af. Zijnde een rotte appel. Maar sneller dan Elewiet loop ik ook niet meer, terwijl ik vroeger bekend stond om mijn “explosiviteit”. Ik ben nu enkel nog explosief als mijn dochter de diepvriesdeur vergeet dicht te doen en de ijsjes drab worden. En toch denken wij, volwassenen, stiekem dat we nog altijd een toptalent zijn omdat we ooit tweede waren in een schoolcross. Of een medaille wonnen in een zwemwedstrijd. “Ik heb nog bijna Xavier Malisse verslagen”, zei een ex-vriendje altijd en hij stak nog een vette Bicky Burger met joppiesaus in zijn mond. Zijn gigantische buik weerhield hem er niet van om nog altijd te denken dat hij het nog zou kunnen. Een ander ex-vriendje stoeft dertig jaar na datum nog altijd dat hij Emile Mpenza heeft voorbij gedribbeld toen hij nog bij Harelbeke speelde. Ook hij denkt stiekem dat hij het nog kan. Terwijl de jaren, de kilo’s, de pintjes en de vermoeidheid van het leven genadeloos hebben toegeslagen en we al blij zijn als we ons kind nog kunnen bijbenen. Als we iemand voorbij steken met de fiets. Winnen met FC Pro Mille in het cafévoetbal. Dan denken we weer dat we talenten zijn. Dat we de beste zijn. Terwijl onze tegenstanders het ook al lang niet meer zijn. Die zijn, net als wij, Polleke en Pulleke geworden. Landschildpadden.

AANGERADEN