Historici kritisch voor expertengroep die Congocommissie bijstaat

Bron © BELGA

Foto: BELGA

Tientallen historici en andere wetenschappers uiten maandag in een open brief hun bezorgdheid over de samenstelling en de werkwijze van de expertengroep die de bijzondere Kamercommissie moet bijstaan die zich over het koloniaal verleden van ons land buigt. Ze waarschuwen voor een gebrek aan legitimiteit van de conclusies, en vragen dat het historisch onderzoek aan een onafhankelijke groep wordt toevertrouwd.

De bijzondere Kamercommissie ‘Congo/Koloniaal Verleden’ werd midden juli samengesteld en krijgt een jaar de tijd om haar opdracht uit te voeren. Ze wordt bijgestaan door een groep van tien experten, van wie de namen anderhalve week geleden bekend werden gemaakt. Het “multidisciplinaire team”, aldus commissievoorzitter Wouter De Vriendt (Ecolo-Groen), bevat vijf historici, verzoeningsexperten en een vertegenwoordiger van de diaspora.

In een open brief zegt een zestigtal historici en andere wetenschappers maandag zich evenwel zorgen te maken over de samenstelling van die groep. “Het lijkt ons vreemd dat de Congocommissie, in tegenstelling tot het aanvankelijke project, een aantal historici van de koloniale kwestie heeft samengebracht met advocaten en vertegenwoordigers van verenigingen van de Congolese diaspora en van instellingen begaan met hedendaagse sociale kwesties”, luidt het. Op deze manier “vergeet” de commissie haar twee missies duidelijk te scheiden. “Zij is (...) blijkbaar van plan een debat te voeren over de verzoening (...) betreffende het koloniaal verleden, zonder de precieze conclusies van het verslag van de historici over dat verleden af te wachten.”

Universiteiten

Wat de samenstelling van de expertengroep betreft, vinden de ondertekenaars het vreemd dat historici die verbonden zijn aan “de Belgische federale wetenschappelijke instelling die bij uitstek gewijd is aan Centraal-Afrika, namelijk het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika (KMMA), van meet af aan zijn uitgesloten”. Ook het Algemeen Rijksarchief en de Koninklijke Academie voor Overzeese Wetenschappen (KAOW) zijn niet vertegenwoordigd, net als historici uit Congo, Rwanda en Burundi.

De ondertekenaars van de open brief vertegenwoordigen alle grote universiteiten van het land en zeven federale wetenschappelijke instellingen. Bekende namen zijn die van rector Herman Van Goethem van de Universiteit Antwerpen, historici en auteurs Idesbald Goddeeris (KU Leuven) en Guy Vanthemsche (VUB), hoogleraar Jo Tollebeek (KU Leuven) en Nico Wouters van CegeSoma. Ook Congolese wetenschappers zetten hun naam onder de brief.

Te haastig

Allen stellen ze zich vragen bij de haast die volgens hen gemaakt wordt. Niet alleen moet de commissie haar werkzaamheden in principe na één jaar kunnen afronden (al kan deze termijn worden verlengd), ook wordt de experten gevraagd om in oktober al een eerste, tussentijds verslag neer te leggen. De “politieke discussie kan geenszins verward worden met de voorafgaande en onmisbare fase van het historisch onderzoek en de resultaten ervan”, staat in de open brief. Meer zelfs: “Zonder deze solide basis, vrij van partijdige, politieke of emotionele overwegingen ingegeven door externe gebeurtenissen, zullen de historische conclusies die aan de leden van het Parlement worden voorgelegd, de onmisbare legitimiteit ontberen die de politieke wereld in staat zou stellen om met kennis van zaken te bepalen welk gevolg aan die werkzaamheden moet worden gegeven.”

Concreet, zo vinden de ondertekenaars, moet het historische onderzoek naar het koloniale verleden aan een onafhankelijke groep worden toevertrouwd, moet deze groep een reeks specifieke vragen voorgeschoteld krijgen en vooral voldoende tijd krijgen om hun antwoorden daarop voor te bereiden, en moet het historische aspect volledig losgekoppeld worden van het politieke debat over actuele kwesties betreffende het racisme en het beheer van het koloniale erfgoed. “Een verzoeningscommissie heeft zeker ook zin, maar staat best apart van historisch onderzoek”, luidt het.

“Historisch onderzoek kan onder geen beding worden geïnstrumentaliseerd door politieke confrontaties of door belangengroepen van welke aard dan ook”, besluiten de ondertekenaars van de open brief.

AANGERADEN
Meest recent