Lotto-Soudal spreekt ambitieuze taal voor de Tour de France en mikt met 4-koppige draak op ritzeges (en waarom niet de gele trui?)

Foto: Photo News

De digitale persconferentie van Lotto-Soudal begon met zestien minuten vertraging, omdat ze de finale van het EK wilden volgen. Hopelijk is de Belgische ploeg de komende drieënhalve week wel op de afspraak. Zoals de voorbije jaren mikt het op ritzeges en daarvoor rekent het op een vierkoppige draak: Philippe Gilbert, Caleb Ewan, Thomas De Gendt en John Degenkolb. Alle vier wonnen ze in het verleden al minstens één etappe in de Tour.

Philippe Gilbert: thuisgevoel in Nice

Vorig jaar werd Philippe Gilbert bij Deceuninck - Quick-Step niet geselecteerd voor de Tour. Het jaar voordien viel hij uit. De Waal wil dit jaar dus in de eerste plaats Parijs halen. “Dat wordt al een hele uitdaging.”

De ambities van Gilbert reiken verder: ritwinst en waarom niet de gele trui, zoals in 2011 toen hij de openingsetappe won. “Het is al negen jaar geleden, maar ik weet nog precies hoe gelukkig ik mij toen voelde. Ik wil het graag proberen in Nice.”

Lotto-Soudal spreekt ambitieuze taal voor de Tour de France en mikt met 4-koppige draak op ritzeges (en waarom niet de gele trui?)
Foto: Photo News

Het parcours moet hem liggen en Gilbert kent ook de weg. “Ik woon al sinds 2009 in Monaco en de eerste ritten liggen dus op mijn trainingsparcours. Ik ben echter niet alleen. Er zijn nog veertig andere renners die in Monaco wonen en nog twintig anderen in de buurt van Nice. Bovendien hebben alle renners tijd genoeg om de ritten te verkennen.”

Zeker de eerste etappe moet Gilbert liggen. “Ze voorspellen regen en dan wordt het heel moeilijk om het peloton samen te houden voor een sprint. Ik zie wel kansen voor de aanvallers inderdaad. En lukt het niet, dan hebben we met Caleb Ewan nog een tweede alternatief achter de hand.”

Caleb Ewan: zes sprintkansen

Gilbert is niet de enige thuisrenner bij Lotto-Soudal. Ook Caleb Ewan woont tijdens het seizoen in Monaco en ook hij heeft de openingsrit aangestipt. Het parcours is niet vlak, maar een sprint is niet uitgesloten. Na de laatste helling is er nog tijd genoeg om terug te keren en of te recupereren. Bovendien blaast de wind in de vallei vaak in het nadeel, wat de aanvallers niet ten goede komt.”

Vorig jaar won de Australiër drie ritten op acht sprints. Dit jaar ziet hij minder kansen. “Als ik het roadbook bekijk denk ik dat we zes massasprints kunnen krijgen. Veel zal afhangen van hoe hard er in die ritten op de heuvels wordt gereden.”

Met het ontbreken van Gaviria, Ackermann, Démare en Groenewegen is het deelnemersveld van de sprints dit jaar minder sterk dan de voorbije jaren, maar Ewan ziet daar vooral een nadeel in. Vorig jaar knapten drie ploegen het vuile werk op in de vlakkere etappes. Wij, Deceuninck - Quick-Step en Jumbo-Visma. Die laatste ploeg heeft dit jaar andere plannen, dus blijven we maar met twee ploegen over. Het wordt niet gemakkelijk om op te boksen tegen de aanvallend ingestelde ploegen.”

Vorig jaar eindigde Ewan op de tweede plaats in de eindstand van de groene trui. Het puntenklassement is dit jaar geen doel. “Vorig jaar eindigde ik dicht omdat ik drie ritten won, maar ik heb mij nooit echt gemoeid in de tussensprints en ga dat dit jaar ook niet doen. Als er iemand kandidaat is om het Sagan voor groen moeilijk te maken, zie ik Van Aert. Mijn ambitie zijn ritzeges. In eerste instantie mik ik op eentje, maar als blijkt dat ik mij de sterkste sprinter van het pak voel, ga ik teleur gesteld zijn met één zege. Als blijkt dat er drie andere sprinters beter en sneller zijn, zal ik met die ene ritzege zeer tevreden zijn.”

Thomas De Gendt: meer kansen dan in de Dauphiné

Thomas De Gendt won vorig jaar een etappe in Saint-Etienne en hoopt dit jaar opnieuw op zo’n huzarenstukje. “In elke Tour zijn er een zestal kansen voor de vluchters. Ik heb het roadbook als een bekeken en ik verwacht opnieuw zo’n aantal. Het kunnen er ook acht zijn, maar veel zal afhangen van de sprintersploegen. Als zij in bepaalde ritten absoluut een sprint willen forceren, zal ik mij die dag niet moeien. De kans dat Caleb een sprint wint, is groter dan dat ik een vlucht tot een goed einde breng.”

In de afgelopen Dauphiné klaagde De Gendt dat hij te weinig ruimte kreeg om in de vlucht te gaan. Hij vond dat er heel wat renners op zijn wiel reden. In de Tour verwacht de Oost-Vlaming meer ruimte. “In de Dauphiné was het probleem dat het vijf bergritten waren, waar de klassementsploegen elke dag gevaar roken. Zij wilden dan ook elke dag controleren. Ik verwacht dat die ploegen in de Tour niet elke dag zullen willen controleren en dus ook kansen geven aan de vluchters.”

Lotto-Soudal spreekt ambitieuze taal voor de Tour de France en mikt met 4-koppige draak op ritzeges (en waarom niet de gele trui?)
Foto: Photo News

Net als vorig jaar krijgt De Gendt van de ploeg alle ruimte om aan te vallen. In het verleden moest hij in de vlakke etappes soms ook op kop rijden voor Greipel of Ewan, dit jaar is die taak voor Frederik Frison. “Mocht Frederik het niet alleen kunnen, is het de bedoeling dat Steff en eventueel ik ook een handje kom toesteken, maar in principe ben ik maar de derde man om op kop te rijden. Ik zal dus meer energie kunnen sparen om aan te vallen.”

De Gendt ziet een kans in de tweede rit. “Die rit lijkt iets voor mij. Normaal mik ik steeds op etappes aan het einde van de tweede of het begin van de derde week, maar dit jaar heeft de Tourorganisatie er voor gezocht dat de vluchters ook in de eerste week al aan de bak kunnen. Ik kan mijn kansen dus meer spreiden.

John Degenkolb: vooral Caleb helpen

De Duitser John Degenkolb is de vierde kopman bij de Belgische ploeg, al minimaliseert hij die rol graag. “In eerste instantie is het de bedoeling dat ik Caleb ga helpen in de sprints. Samen met Roger Kluge is het mijn taak om Jasper De Buyst en Caleb in een ideale positie naar de laatste vijfhonderd meter te brengen.”

Lotto-Soudal spreekt ambitieuze taal voor de Tour de France en mikt met 4-koppige draak op ritzeges (en waarom niet de gele trui?)
Foto: Photo News

Ook Degenkolb is snel en kan een sprint tot een goed einde brengen, maar zal dan wel wachten tot Ewan er niet bij is. De vraag is ook hoe het staat met zijn vormpeil. In de Ronde van Polen en de Ronde van Wallonië kwam hij nauwelijks uit de verf. Tijdens het eerste deel van het seizoen koerste hij ook al zeer anoniem. “Ik ben daar niet mee akkoord. In Parijs-Nice eindigde ik als sprinter achttiende in de eindstand. Dat is een prestatie op zich. Ook in Kuurne-Brussel-Kuurne was ik op de afspraak. In de Ronde van Wallonië sprintte ik op dag drie ook naar de derde plaats. Akkoord, ik ben niet zo snel als Caleb, maar hij is dan ook de snelste man ter wereld. Hij is even snel als Marcel Kittel destijds, maar moet slechts de helft van diens wattages trappen omdat hij zo klein is. Daarom kan hij ook beter overleven bergop.”

Door bvc
AANGERADEN