Sanda Dia op cover van New York Times: “Dood van zwarte student legt racisme in België bloot”

Foto: RR

De zaak Sanda Dia, over het ontgroeningsritueel met een fatale afloop, haalde zondag de voorpagina van de New York Times. Volgens de krant maakt de dood van Sanda Dia deel uit van een groter probleem in ons land: culturele verdeeldheid, racisme en extremisme.

Sanda Dia op cover van New York Times: “Dood van zwarte student legt racisme in België bloot”
Foto: The New York Times

“Een zwarte Belgische student zag een witte broederschap als zijn ticket. Het was zijn dood”, is de titel van het artikel dat focust op de tegenstellingen tussen Sanda Dia, zoon van een geïmmigreerde fabrieksarbeider en de “blanke elite van Antwerpen”. Als snel wordt in het artikel verwezen naar het feit dat er wel meer aan de hand is, dan een “mislukte ontgroening” waarbij Sanda het leven liet. En dat het verhaal de voorbije weken “nog lelijker werd” toen foto’s naar boven kwamen van Reuzegom-leden in Ku Klux Klan gewaden en dat tijdens een toespraak verwezen werd naar “onze goede Duitse vriend, Hitler”.

LEES OOK.De laatste uren van de fatale studentendoop, deel 1: “Ze waren echt knock-out van de drank. Ze lagen op de grond en spraken niet meer” (+)

LEES OOK.De laatste uren van de fatale studentendoop, deel 2: “Het is onmenselijk wat daar is gebeurd” (+)

De krant citeert Sanda’s broer: “Dit was geen ongeluk”. En buigt zich dan over het probleem van racisme in Vlaanderen. “Er zijn geen aanwijzingen dat meneer Dia opzettelijk is vermoord. Maar van de drie studenten die de doop ondergingen die avond, was hij de enige zwarte en was hij de enige die stierf”, staat er te lezen. Volgens The New York Times richt België zich nog te vaak naar het verleden als het gaat om discussies over ras en verwijst naar het feit dat in België standbeelden van Leopold II werden vernield tijdens Black Lives Matter-protesten. Maar volgens de krant toont de zaak Sanda Dia aan dat er ook vandaag een probleem is in België van racisme, extreemrechts en identitaire politiek.

Het valt op: de toonaangevende Amerikaanse krant speelt volop die vermeende raciale kaart. Ook op het strafproces tegen de Reuzegommers zal dat aspect ongetwijfeld ook aan bod komen. Bepaalde advocaten, betrokken in de zaak, wijzen op een onderliggend raciaal motief. Uit het strafdossier zijn echter ook tal van elementen te vinden die net het tegenovergestelde stellen. Zo moesten de twee schachten die de doop wel overleefden gelijkaardige proeven afleggen. Zij zijn beiden blank. Ook de familie van Sanda Dia weigert zich voorlopig echt op dat raciaal aspect vast te pinnen. De waarheid is allicht dus veel genuanceerder dan The New York Times stelt. De advocaten van de betrokken Reuzegommers ontkennen die piste alvast staalhard. Zij houden het op een tragisch ongeluk dat niemand gewild heeft. Een ongeluk waar huidskleur niets mee te maken heeft.

Door Laurence Torck
AANGERADEN