Wout van Aert tweede jaar op rij Flandrien, maar nu met grote voorsprong: “In laatste bergrit van Tour heb ik mezelf het meest verrast”

 

 ©  BELGA

Ver-ras-sing... Toch niet! Natuurlijk werd Wout van Aert – wie anders? – vrijdagavond verkozen tot Flandrien in het Centrum Ronde van Vlaanderen te Oudenaarde. Vorig jaar won hij na een millimetersprint voor Remco Evenepoel. Eén puntje verschil. Deze keer bedraagt zijn bonus 162 punten. In koerstermen heet dat een straatlengte voorsprong. “Toen ik vorig jaar een eerste keer won, weet ik nog dat ik tegen mezelf zei: geniet ervan, want het kan goed zijn dat dit de eerste en de laatste keer is.”

Bram Vandecapelle

Wout, proficiat. Hoeveel procent was je zeker van je stuk toen je van Herentals naar Oudenaarde reed?

“Sarah zei vijftig procent, ik iets meer. Ik denk wel dat het gepermitteerd was.”

Mag ik vragen op wie jij hebt gestemd?

“Op mezelf. Remco heb ik op twee gezet. Voor de derde plaats twijfelde ik tussen Wellens en Lampaert, maar heb ik toch Lampi op drie gezet.”

Vond je het moeilijk om op jezelf te stemmen?

“Ik zou nooit op mezelf stemmen als ik vind dat iemand anders het meer verdient. Vorig jaar heb ik Philippe Gilbert op nummer één gezet, omdat hij Parijs-Roubaix had gewonnen. Maar als ik naar dit jaar kijk, denk ik dat mijn stemformulier op zijn plaats is. Ik ben trots op mijn prestaties, dus vond ik het niet erg om op mezelf te stemmen.”

Naast jouw waslijst aan knappe zeges hebben de collega’s ook op jou gestemd voor je constante prestatievermogen, drie maanden lang. Is dat iets waar een geboren winnaar echt fier op is?

“Zeker. Ik heb dit jaar mijn lichaam herontdekt. Toen ik in de Strade won, was ik superblij met mijn vorm. Ik had toen nooit durven denken dat het aan één stuk zou blijven doorgaan tot en met de Ronde van Vlaanderen. Ik ben trots dat ik dat niveau mentaal en fysiek heb kunnen volhouden.”

Wat was jouw Flandrien-moment in 2020?

“Een Flandrien staat voor mij gelijk aan koersen in slecht weer. Hoewel we veel in het najaar hebben gekoerst en iedereen slecht weer verwachtte, hebben we altijd in mooi weer gereden. Alleen in Brugge-De Panne was het slecht weer, maar daar ben ik niet gestart. Afgaande op de beelden die ik ervan heb gezien, was dat misschien de enige Flandrien-koers.”

Volgens de traditie hebben laureaten ook altijd een dankwoord in petto. Als je vijf mensen moet bedanken voor afgelopen jaar. Wie?

“Uiteraard mijn vrouw Sarah. Ook mijn trainer Marc Lamberts. Verder wil ik Thijs Hertsens en Frederic Rogiers – de kinesist en de chiropractor die mij heel hard hebben geholpen om weer op niveau te komen na die blessure – in de bloemetjes zetten. Ook mijn vaste verzorger Wesley Theunis moet zeker in dit rijtje. Ben ik nog iemand vergeten? Ik kijk even naar Sarah... Ah ja, Fons natuurlijk. Onze toekomstige zoon. Zonder dat hij er al is, heeft hij mentaal geholpen om de dagdagelijkse zorgen te vergeten.”

Hoe blij ben je dat de vragen en verhalen over de val en blessure voorgoed in de vergeethoek zijn beland?

“Eenmaal maart was dat voorval voor mij gepasseerd, maar zelfs toen de koers in augustus herbegon, bleven de vragen komen. Toen was ik het echt beu... Natuurlijk heb ik zelf ook getwijfeld. Toen ik vorig jaar de Flandrien een eerste keer won, weet ik nog dat ik tegen mezelf zei: geniet ervan, want het kan goed zijn dat dit de eerste en de laatste keer is.”

Wil je nog aan die val herinnerd worden? Of mogen we dat wegsteken in een doos onder de grond?

“Ik ben geen vragende partij, maar ik kan er nu eigenlijk beter over praten dan net na de val. Ik besef dat wanneer mijn carrière over enkele jaren afgelopen zal zijn, die val een onderdeel zal zijn in het verhaal.”

Over jouw seizoen... Wat snel vergeten wordt, is de zege in de cross van Lille in februari. Hoe belangrijk was die voor het vervolg van het seizoen?

“Dat was voor mij zeker een van de belangrijke zeges van het seizoen. Ik had veel energie in de revalidatie gestoken en had van het WK een doel gemaakt. Door ziekte en een platte band mislukte dat. Een week later in Lille heb ik mijn hart kunnen ophalen. Toen had ik een eerste keer de benen die ik wou hebben en wist ik: het marcheert weer. Dat winnende gevoel weer kunnen herbeleven, had ik echt nodig. Het was ook de eerste keer dat ik bij de profs in mijn eigen Lille kon winnen. Alle puzzelstukjes vielen samen.”

Zelf kan je moeilijk kiezen tussen Milaan-Sanremo en Strade Bianche als mooiste zege, maar waar heb je jezelf echt verbaasd?

“Toen ik derde werd in de laatste bergrit van de Tour. Had je mij voor dit seizoen gezegd dat ik ooit Milaan-Sanremo zou winnen, had ik dat nog wel geloofd. Maar had je gezegd: je wordt derde in een bergrit in de derde week van de Tour tussen alle toppers van het klassement, had ik dat weggelachen.”

Als je één uitslag kon wijzigen van het afgelopen seizoen, welke dan?

“Het WK. Of nee, toch maar de Ronde van Vlaanderen. Moeilijk. Mag ik er twee kiezen?

Neen. De tijdrit op La Planche des Belles Filles maakt geen kans?

“Dat we op de voorlaatste dag de Tourzege verloren, was een serieuze opdoffer, maar ik was veel sneller over die teleurstelling heen dan over de tweede plaats in de Ronde. De winnaar in mij kijkt toch vooral naar de persoonlijke resultaten.”

Heb je al gedroomd over zondag 26 september?

“De datum van de wegrit op het WK in Leuven? Dat ik de datum nu al ken, is een goed teken. Ik heb er nog niet over gedroomd, maar wel al het parcours verkend.”

Maar de belangrijkste datum zal ergens begin januari zijn, met de geboorte van Fonske Van Aert.

“Zeker. Eenmaal de Ronde van Vlaanderen gepasseerd, kwam dat nog meer op de eerste plaats. Het is zo’n speciale periode. Ik probeer er nu van te genieten.”

Heb je door de drukke koersperiode afspraken met de gynaecoloog gemist?

“Eén keer, toen ik op hoogtestage in Tignes was, maar toen heb ik via FaceTime live kunnen meevolgen. De andere keer dat ik er niet bij kon zijn, was toen er door coronamaatregelen geen partner mee mocht. Verder heb ik weinig van die leuke momenten gemist.”

Maar eerst crossen. Gianni Meersman, ploegleider van Pauwels Sauzen-Bingoal, zegt dat je enkele crossen tijd zal hebben om top te zijn. Akkoord?

“Hoewel Gianni nooit een cross heeft gereden, heeft hij gelijk. Op dit moment ben ik zeker nog niet in topvorm. Ik hoop dat ik op karakter en conditie mijn wagonnetje kan aanhaken, maar verwacht van mij niet dat ik de koers zal maken. Het eerste blok, met de crossen in Kortrijk, Tabor en Boom, hoop ik aan te grijpen om beter te worden. De voorbije weken heb ik in Girona aan de basis gewerkt.”

Kan de verplaatsing van Spanje naar België op woensdag in je nadeel spelen?

“Sarah mag niet meer vliegen, dus het was met de auto te doen. Een lange rit. Ik kan dus nu al verzachtende omstandigheden inroepen. Maar ik herhaal: ik ben zeker nog niet genoeg om te winnen.”

De loopstroken zullen alvast geen probleem zijn. Zondag ging je na een stevige training van 135 kilometer nog 18 kilometer lopen, aan 4’40” de kilometer.

“Dat was per ongeluk. Ik wou een toer van veertien kilometer lopen, maar een passage over een rivier bleek geen brug te zijn, maar een dam voor bevers. Ik had toen al tien kilometer in de benen en ben zo snel mogelijk naar een straat met verlichting gelopen, want het was al donker. Het laatste stuk heb ik gewandeld. Het was geen goed idee om een halve marathon te lopen.”

Tot slot. Wat mogen we je, naast een gezonde baby met goede slaapgewoontes, nog toewensen voor 2021?

“Het belangrijkste is al gezegd, maar doe er een titel in de koers bij.”

Een titel zoals het Belgisch kampioenschap tijdrijden?

“Het mag gerust iets internationaler. Iets met regenboogstrepen.”

En een nieuw contract?

“Dat zal er sowieso moeten komen, want na 2021 ben ik einde contract. Dat probleem zal zichzelf wel oplossen.”

LEES OOK

Nu in het nieuws