Belgische onderzoekers sturen opnieuw raderdiertjes de ruimte in

Bron © BELGA

Foto: via REUTERS

Een jaar na het eerste experiment gaan onderzoekers van UNamur, SCK CEN en ULB opnieuw raderdiertjes naar het International Space Station (ISS) sturen. Met het tweede experiment willen de wetenschappers ontdekken welk effect gewichtloosheid én straling op het DNA-herstelmechanisme van levende organismen hebben.

In december 2019 vertrokken vanuit Florida actieve raderdiertjes naar het ISS. Ze bevonden zich gedurende twee weken in een baan rond de aarde, waar ze aan de effecten van de ruimte werden blootgesteld. Nadien onderzochten de wetenschappers de dieren op vlak van hun voortplanting, genexpressie en genoomstructuur. “Raderdiertjes zijn microscopisch klein”, zegt projectcoördinator Karine Van Doninck (UNamur en ULB). “Ze zijn een van de enige diersoorten op aarde die volledige uitdroging en hoge dosissen straling kunnen overleven. Sommige soorten planten zich voort zonder seks. De vrouwtjes klonen zich als het ware.”

Uit de voorzichtige eerste conclusies van het experiment blijkt dat gewichtloosheid hun vruchtbaarheid niet beïnvloedt. Ze schonken nakomelingen net zoals hun collega’s op aarde. Doordat ze zich klonen, kopiëren ze ook de mogelijke fouten die tijdens het DNA-herstel zijn ontstaan. “De analyses die eventuele DNA-fouten van de nakomelingen moeten opsporen, zijn op dit moment nog lopende. We onderzoeken welke molecules werden aangemaakt om te kunnen vergelijken en nagaan of het metabolisme hetzelfde werkt in de ruimte als op de aarde”, vervolledigt Karine Van Doninck.

Bij het tweede experiment staan de effecten van gewichtloosheid en straling op het DNA-herstel centraal. De diertjes zullen voor vertrek uitgedroogd en bestraald worden, waardoor het genetisch materiaal volledig beschadigd geraakt en de diertjes inactief worden. “Bij rehydratatie schieten ze als het ware weer wakker en herstellen ze de schade aan hun genetisch materiaal” zegt Boris Hespeels van UNamur. “Doordat raderdiertjes zichzelf klonen, kunnen we er naar ISS sturen en identieke kopieën op aarde houden, die we op hetzelfde moment hydrateren. Eenmaal terug op aarde kunnen we vergelijken: hebben ze in de ruimte hun DNA even vlot kunnen herstellen als op aarde? Beïnvloeden gewichtloosheid en kosmische straling dat herstelproces? Hoe stellen hun nakomelingen het?”

Met de inzichten in de onderliggende mechanismen van dat DNA-herstelproces willen de onderzoekers weerstand van astronauten tegen kosmische straling verhogen. Bjorn Baselet van het Studiecentrum voor Kernenergie (SCK CEN): “Het opent de deur naar verdere ruimteverkenning, maar zal ook op aarde zijn nut bewijzen. De bevindingen kunnen leiden tot maatregelen om beroepsmatig blootgestelde personen of kankerpatiënten tijdens hun therapie beter te beschermen tegen de negatieve effecten van hun blootstelling aan straling.”

Zaterdag zullen 1,8 miljoen uitgedroogde raderdiertjes meevliegen met de raket Falcon 9 van SpaceX. Ze reizen naar het ISS van uit het Kennedy Space Center in Florida.

AANGERADEN