1 op de 5 geen kwaliteitsvolle voeding kopen zonder openbaar vervoer

Bron © BELGA

1 op de 5 geen kwaliteitsvolle voeding kopen zonder openbaar vervoer. Dat zegt Koos Fransen, die voor de Vrije Universiteit Brussel en Universiteit Gent onderzoek deed naar de onderliggende factoren van vervoersarmoede.

Er bestaan vijf profielen van minder mobiele Belgen en die bevinden zich in alle lagen van de bevolking. Daardoor is er niet één inzetbare oplossing om vervoersarmoede te bestrijden. Dat blijkt uit een onderzoek rond de onderliggende factoren van vervoersarmoede van Mobiel 21 en Netwerk Duurzame Mobiliteit samen met onderzoekers van de Vrije Universiteit Brussel en Universiteit Gent.

Een groep van meer dan 900 mensen die zich gemiddeld twee dagen per week niet verplaatsen, vulden voor het onderzoek een uitgebreide vragenlijst in. Daaruit konden de onderzoekers vijf profielen van minder mobiele bevolkingsgroepen opstellen.

Zo zijn er de hoog opgeleide mobiele ouderen met een auto en fiets (31 procent), de jonge stedelingen met een lager inkomen met fiets, maar zonder auto (23 procent), de laagopgeleide stedelingen met een slechte fysieke gezondheid die afhankelijk zijn van het openbaar vervoer (14 procent), de gemiddeld opgeleide inwoners van de voorstad die afhankelijk zijn van een auto (13 procent) en de laag opgeleide ouderen met een auto en een fiets die landelijk wonen (18 procent).

Niet elke groep moet als vervoersarm beschouwd worden, stellen de onderzoekers. Hoog opgeleide mobiele ouderen met auto en fiets kiezen bijvoorbeeld zelf om zich niet te verplaatsen. Opleidingsniveau, fysieke gezondheid, woonplek, auto- of fietsbezit en tewerkstelling zijn dan wel weer belangrijke kenmerken.

“Hier is vooral een functionerend sociaal netwerk van groot belang. Zonder zo’n netwerk vergroot de sociale uitsluiting en ontstaat er een versterkend en vicieus effect. Bijna 20 procent van de respondenten geeft aan dat ze moeilijk om hulp kunnen vragen bij familie, vrienden, kennissen of buren”, merkt Koos Fransen, onderzoeker van VUB en UGent.

De verscheidenheid aan profielen maakt dat er niet één oplossing is die overal inzetbaar is, maar de onderzoekers schuiven wel naar voren dat een goed functionerend openbaar vervoer erg belangrijk is. Zeker omdat 3 op de 10 respondenten afhankelijk is van het openbaar vervoer om zich te verplaatsen.

“In de vragen over de COVID-19-situatie blijkt dit effect nog sterker te zijn. Zo kan 1 op de 5 geen kwaliteitsvolle voeding kopen zonder openbaar vervoer”, aldus Fransen.

AANGERADEN