Tijdelijke werkloosheid kost overheid 4 miljard euro, tegelijk 11,5 miljard minder belastinginkomsten

Bron © De Tijd, L'Echo, BELGA

Foto: BELGA

De uitkeringen voor tijdelijke werkloosheid hebben de overheid vorig jaar 4,3 miljard euro gekost. Tegelijk zijn de fiscale ontvangsten in 2020 met 11,5 miljard euro ofwel 9,8 procent naar 105,2 miljard euro gedaald. Dat schrijven De Tijd en L’Echo maandag.

Bedrijven gebruiken in de coronacrisis massaal het systeem van tijdelijke werkloosheid. Gewoonlijk moeten ondernemingen aan strikte voorwaarden voldoen om van het stelsel gebruik te maken, maar tijdens de coronacrisis zijn die soepeler.

Gemiddeld betaalde de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening (RVA) in 2020 maandelijks aan 514.000 werknemers een tijdelijke werkloosheidsuitkering uit. Op de piek in april ging het om 1,2 miljoen werknemers. Ter vergelijking: in 2019 kregen maandelijks gemiddeld net geen 100.000 werknemers een tijdelijke werkloosheidsuit­kering, wat de overheid over het hele jaar 367 miljoen euro kostte.

De kostprijs van de tijdelijke werkloosheid lag met 4,3 miljard euro in 2020 bijna even hoog als die van de rest van de werkloosheids­uitkeringen, het brugpensioen in­begrepen. De overheid besteedde daar vorig jaar bijna 4,7 miljard euro aan.

Minder inkomsten

De fiscale ontvangsten zijn in 2020 dan weer met 11,5 miljard euro ofwel 9,8 procent naar 105,2 miljard euro gedaald. Dat blijkt uit cijfers van de federale overheidsdienst Financiën. Ze vallen daarmee terug naar het niveau van 2016.

De sterke daling van de belastinginkomsten is vooral te wijten aan de recessie wegens de coronacrisis en het gedeeltelijk uitstel dat de federale regering voor sommige belastingen toekende. In absolute cijfers kregen de btw-inkomsten de zwaarste klap. Die daalden met 4,3 miljard naar 27,2 miljard, omdat de gezinnen minder consumeerden.

De kohieren van de vennootschappen zakten met 3,1 miljard naar 1,3 miljard. Dat is het bedrag dat ondernemingen betalen bij de jaarlijkse afrekening van de vennootschapsbelasting. De voorafbetalingen verminderden met 2,3 miljard en de accijnzen met 1 miljard. Vorige week raakte al bekend dat de roerende voorheffing minder opleverde.

Enkele belastingen leverden meer op. De bedrijfsvoorheffing, het bedrag dat ondernemingen inhouden op het brutoloon van werknemers, bracht 671 miljoen meer op.

AANGERADEN