Mathieu van der Poel als meesterknecht na stuurbreuk: “Lullig dat ik stoorzender moest spelen, maar het kon niet anders”

Foto: BELGA

Vreemd beeld in de finale van de GP Le Samyn! Het stuur van Mathieu van der Poel stond duidelijk kaduuk en belette de Nederlander om te sprinten. Maar het belette hem niet om mee de finale te kleuren. En het liep goed af voor Alpecin - Fenix. Ploegmaat Tim Merlier klaarde immers de klus in de spurt van een uitgedunde kopgroep.

LEES OOK. Tim Merlier maakt het voorbereidende werk van Mathieu Van der Poel af in GP Le Samyn

“Ik voelde me eigenlijk nog heel goed”, trapte Van der Poel een open deur in. “Maar omdat mijn stuur afbrak, kon ik geen kracht meer zetten. Het gebeurde op die lange kasseistrook. Ik kon niet meer mijn ding doen en liet de ploeg weten dat we voor Tim zouden rijden. Ik heb alles gedaan om die kleine kopgroep lam te leggen. Dan ben ik wel blij dat Tim het nog heeft kunnen afmaken. Ik had al snel door dat hij enorm goed was vandaag. Vandaar dat ik al snel liet weten dat ik op alles zou reageren en dat hij zich op de sprint moest focussen. Het was wat lullig dat ik vooraan stoorzender moest spelen maar het kon echt niet anders. Met een normaal stuur, rijd ik uiteraard wel mee.”

Van der Poel stapte met een goed gevoel van de fiets. “Ik ben zeer tevreden van mijn koers”, klonk het. “Het was alleen jammer van die materiaalpech. Ik had geen beugel meer om te sprinten dus het had geen zin om met dat groepje naar de finish te rijden. Maar de vorm is goed. Een pak beter dan vorig jaar toen ik naar de Strade vertrok. Ik voel me frisser en mijn vorm van de cross zal me ook wel helpen. Dat ze zaterdag slecht weer geven, is dan weer minder in mijn voordeel. Als het droog ligt, wordt het in het grind allemaal wat technischer.”

Slotconclusie? Van der Poel: “Het was misschien iets minder dan vorige zondag maar toen ze begonnen koersen, zat het gevoel wel goed. Ik kan tevreje naar Italië. Het was hier vandaag een héél lastige wedstrijd. Heel nerveus ook, met heel veel valpartijen. Dat vind ik wel jammer.”

Door Werner Bourlez
AANGERADEN