Minister Lydia Peeters (Open VLD) pleit voor lokaal maatwerk: “Zone 30 veralgemenen in onveilige straten, niet in hele bebouwde kom”

Bron © BELGA

Foto: rds

Vlaams minister van Mobiliteit Lydia Peeters (Open VLD) is geen voorstander van een algemene invoering van de zone 30 in de bebouwde kom. Dat zei ze in het Vlaams Parlement na een hoorzitting met verschillende experts. Als het gaat om een straat die niet veilig is voor fietsers, vindt ze wel dat er een zone 30, fietszone of schoolstraat moet worden ingericht.

Groen en Vooruit dienen in het Vlaams Parlement een voorstel van decreet in om de standaardsnelheid in de bebouwde kom in heel Vlaanderen te verlagen naar 30 km/u, zoals nu al het geval is in Brussel. De meeste experts die donderdag werden uitgenodigd, zijn voorstander van dat idee. Onder meer Dirk Lauwers, mobiliteitsexpert van UGent en UAntwerpen, en verkeersveiligheidsinstituut Vias zien er een oplossing in om het aantal dodelijke verkeersslachtoffers te laten dalen.

“De zone 30 wordt in steeds meer steden en gemeenten toegepast”, zei Erwin Debruyne van de Vlaamse Vereniging van Steden en Gemeenten (VVSG). “Daar zijn ook allerlei goede redenen voor, zoals de verkeersveiligheid, de horeca en aangenaam winkelen. Verschillende gemeenten zijn dan ook hard bezig met een veralgemening.” Als streefdoel voor heel Vlaanderen schuift VVSG een horizon van tien jaar naar voor. “Om het nu al overal toe te passen, lijkt ons toch wat moeilijk. Wij stellen voor om te werken met 2030 als perspectief.”

Groen en Vooruit zagen zich gesterkt door de steun van de experts. “Nu wordt de zone 30 willekeurig ingevoerd”, zei Annick Lambrecht van Vooruit. “We hangen bij wijze van spreken af van de goodwill van steden en gemeenten om zones 30 te hanteren rond scholen. Verkeersveiligheid zou voor iedereen een prioriteit moeten zijn bij het mobiliteitsbeleid. Veiligere en leefbare buurten is voor ons de essentie in dit verhaal. Ik ben de achteruitgang van de verkeersveiligheid in Vlaanderen beu”.

“Ik ben tevreden met de brede steun van de mobiliteitsexperts voor ons voorstel”, zei Stijn Bex van Groen. “Van 30 kilometer per uur de norm maken in woongebieden zal een enorm positieve impact hebben op de veiligheid en leefbaarheid. We weten dankzij tal van buitenlandse steden, en sinds dit jaar ook het Brussels Gewest, dat kiezen voor een zone 30 een enorm belangrijke stap betekent richting veilige en aangename woonwijken.”

“Lokaal maatwerk”

Toch is minister Peeters nog niet gewonnen voor het idee. “Persoonlijk ben ik er geen voorstander van om nu al een standaardverlaging in de bebouwde kom in te voeren, ik blijf pleiten voor lokaal maatwerk”, aldus de minister.

Peeters haalde een studie aan van het Nederlandse Instituut voor Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid (SWOV). Daaruit blijkt dat het aantal slachtoffers weliswaar zou dalen, maar dat er ook nadelen zijn. Zo is er een minder goede doorstroming, meer sluipverkeer en talrijke grijze wegen.

De minister wil daarom eerder de kaart van betere infrastructuur trekken, om verkeerssituaties veiliger en leesbaarder te maken. “Maar waar fietsers nog steeds in een onveilige situatie zitten, is het wenselijk dat we een zone 30, een fietszone of een schoolstraat invoeren”, zei Peeters.

AANGERADEN