Kinderrechtencommissariaat wil meer aandacht voor kinderrechten in preventief radicaliseringsdecreet

Bron © BELGA

Kinderrechtencommissaris Caroline Vrijens Foto: BELGA

Het Kinderrechtencommissariaat maakt zich zorgen over het decreet van de Lokale Integrale Veiligheidscel rond radicalisme, extremisme en terrorisme (LIVC R). In dat decreet wordt de tracering van geradicaliseerde personen opgetekend en individuele opvolgtrajecten voor hen uitgewerkt. Het huidig ontwerp zou te weinig rekening houden met veel kinderrechten waardoor het Kinderrechtencommissariaat een extra hoorzitting eist en “verbeterpunten” op tafel legt.

De LIVC R is een instrument in de bestrijding van gewelddadige radicalisering. Bedoeling is dat personen in een radicaliseringsproces zitten snel worden opgemerkt en preventief een individueel opvolgtraject kunnen volgen. Daarvoor is het wel nodig dat instanties vertrouwelijke informatie kunnen delen met elkaar zonder het beroepsgeheim te schenden.

En het is net daar waar het schoentje wringt voor het Kinderrechtencommissariaat. Het ontwerp van het decreet, dat woensdag besproken zal worden, houdt volgens hen geen rekening met de Jeugdbeschermingswet. Die verplicht dat informatie over minderjarigen en hun thuismilieu geheim moet blijven. Ook worden de rechten en plichten van kinderen die aangemeld worden bij een LIVC R niet omschreven.

Het Kinderrechtencommissariaat vreest vooral dat jongeren niet volledig transparant zullen zijn tegenover hulpverleners. De kinderen weten dat informatie mogelijk gedeeld wordt met andere diensten en organisaties.

Daarom vraagt het commissariaat vraagt een extra hoorzitting aan en schuift het zelf een aantal “verbeterpunten” naar voor. Het commissariaat pleit voor een trapsgewijze aanpak voor minderjarigen, waarbij enkel in uitzonderlijke gevallen persoonsgegevens mogen uitgewisseld worden.

“Als burgemeester heb ik zelf gezien hoe de lokale integrale veiligheidscellen juist zorgen voor een betere bescherming van onze jongeren”, reageert Vlaams minister van Samenleven Bart Somers. “Een LIVC brengt socio-preventieve actoren samen rond de tafel met veiligheidsactoren om één bepaalde casus te bespreken. Op die manier kan er kort op de bal gespeeld worden als er signalen zijn van radicalisme. Zo proberen we onze jongeren uit de handen van extremisten te houden en hen terug op het rechte pad te krijgen. Ook met het nieuwe decreet zullen Vlaamse diensten, voorzieningen of jongerenorganisaties niet verplicht worden om deel te nemen aan de LIVC-werking, maar in de praktijk nemen ze nu al vaak deel aan de LIVC’s, zonder enige juridische bescherming op vlak van beroepsgeheim. Het nieuwe decreet, dat er gekomen is na veel consultatie- en adviesrondes, zal juist zorgen voor een duidelijk juridisch kader en gedeeld beroepsgeheim. De hoofddoelstelling van het LIVC-decreet is niet gericht op het vervolgen, maar juist op het voorkomen van radicalisering.”

AANGERADEN