In twee op de drie Vlaamse rusthuizen in Brussel spreekt personeel onvoldoende Nederlands

Bron © BELGA

Themabeeld Foto: Shutterstock

Brussel -

Het afgelopen jaar zijn zes van de negen Vlaamse woon-zorgcentra in Brussel op de vingers getikt omdat het personeel onvoldoende Nederlands kan. Dat blijkt uit cijfers van Vlaams minister van Welzijn Wouter Beke (CD&V).

De Vlaamse overheid beschikt over een inventaris van voorzieningen die volgens de Zorginspectie niet of slechts in beperkte mate Nederlandstalige hulp- en dienstverlening kunnen aanbieden. Waar er in 2018 nog drie Vlaamse woon-zorgcentra uit Brussel op de inventaris stonden, zijn dat er ondertussen al zes geworden. De uitbaters van de voorzieningen die op de vingers zijn getikt, worden gevraagd om de nodige maatregelen te nemen. Doen ze dat niet, dan riskeren ze dat op termijn hun erkenning geschorst of zelfs ingetrokken wordt.

“Goede zorg begint met goede communicatie”

N-VA-parlementslid Annabel Tavernier roept ministers Wouter Beke (Welzijn) en Benjamin Dalle (Brussel) op om van de taalkennis in de Vlaamse zorginstellingen in Brussel een echte prioriteit te maken. “Goede zorg begint met een goede communicatie tussen de zorgverstrekker en de zorgbehoevende. Nederlandstalige dienstverlening hoort daarom een absolute minimumvoorwaarde te zijn in het zorgaanbod in Brussel, zeker in het Vlaams-Brussels netwerk”, aldus Tavernier.

Het is wel opvallend dat de Woonzorglijn de voorbije jaren geen enkele klacht heeft ontvangen over het gebrekkige Nederlands in de Vlaamse woonzorgcentra in Brussel. Tavernier spreekt van “een complete discrepantie met de wettelijke inbreuken tegen de taalvereisten”. Volgens de N-VA-politica moet de mogelijkheid om klacht in te dienen bekender en toegankelijker worden.

Door jvh
AANGERADEN