Het peloton is straks een fenomeen rijker: Spaans supertalent klimt sneller dan Egan Bernal in de Giro

Foto: RR

De zesde rit in de Baby Giro was dinsdag een prooi voor Nicolo Buratti. De Italiaan was na de beklimming van de Selvino (10,7 km aan 5,6 procent) de snelste van een elitegroepje. Wedstrijdleider Juan Ayuso werd vierde, één dag na zijn exploot naar Sestola.

Ayuso is amper 18 jaar oud en rijdt momenteel nog in dienst van Team Colpack Ballan. Vanaf augustus zal hij de kleuren verdedigen van UAE Team Emirates, waar hij een contract ondertekende tot 2025. Enkel zijn toekomstige ploegmaat en Tourwinnaar Tadej Pogacar heeft een nog langer contract in het huidige profpeloton.

Niet onlogisch want de jongen uit Barcelona is een echt fenomeen. In 2019 en 2020 won hij het Spaans kampioenschap bij de junioren. Ook de nationale strijd in het tijdrijden won hij in 2020, net als de Gipuzkoa Klasika. Dit jaar gaat het nog harder. Met twee ritzeges en de eindoverwinning in de Giro di Romagna, winst in de Trofeo Piva en winst in de Giro del Belvedere.

Sneller dan Bernal

In de Baby Giro maakte Ayuso tot nu toe zijn favorietenrol helemaal waar. Hij won de tweede rit naar Imola en pakte meteen de leiding in het algemene klassement. Die verloor hij even aan Ben Turner, die een betere tijdrit in de benen had, maar meteen daarna was het roze weer voor ‘de Spaanse Remco Evenepoel’. Die pakte namelijk uit met een zelden gezien machtsvertoon in rit vijf.

Ayuso had zijn zinnen gezet op de rit naar Sestola. U weet wel, de beklimming die ook in de voorbije Ronde van Italië moest overwonnen worden. Toen Joe Dombrowski de rit won en Evenepoel elf seconden moest prijsgeven op de favorietengroep met latere winnaar Egan Bernal. De Colombiaan reed toen de Colle Passerino (4,1 km aan bijna 10 procent) op in een tijd van 14’01”. Ayuso deed er in de Baby Giro 13’41” over in de regen. Van een straffe prestatie gesproken.

“Ik heb wat dingen gelezen die over mij geschreven zijn”, zei de tiener onlangs nog. “Veel van die zaken zijn goed, maar ik heb ook wat kritiek gelezen (lacht). Ik blijf gewoon heel kalm. Druk, lof, kritiek... Al die dingen hebben geen invloed op mij. Ik weet dat ik niet zo goed ben als ze zeggen en ook niet zo slecht als de criticasters zeggen. Ik moet mijn plek ook nog zoeken. Ik weet gewoon dat ik een klimmer ben. Of dat ik toch goed omhoog kan. Maar ik weet nog niet weet of ik iemand van de korte inspanning ben, een puncher, of een renner voor de lange beklimmingen. We zien wel.”

Door Vincent Van Genechten
AANGERADEN