Vijf jaar Brexit: een onafhankelijk Schotland als onvermijdbaar gevolg?

 

 ©  AFP

De Brexit heeft de institutionele rust in het Verenigd Koninkrijk grondig verstoord. Toen na het referendum van 23 juni 2016 duidelijk werd dat het Verenigd Koninkrijk de Europese Unie zou verlaten, bleek Schotland massaal vóór EU-lidmaatschap te hebben gestemd.

Bron: BELGA

Meteen stelden veel Schotten zich opnieuw de vraag of ze niet beter op eigen benen zouden staan. Met eerste minister Nicola Sturgeon hebben die voorstanders van onafhankelijkheid alvast een machtige bondgenoot.

In 2014 dachten de unionistische partijen in de Britse politiek dat de onafhankelijkheidsdroom van veel Schotten voorbij was. Toenmalig premier David Cameron had een referendum toegestaan, waarbij 55% van de kiezers tegen onafhankelijkheid stemde. Volgens Cameron was de kwestie daarmee voor de duur van een generatie geregeld. Twee jaar later was er het vermaledijde Brexit-referendum. Terwijl 52% van de Britse bevolking ervoor koos de EU te verlaten, stemde 62% van de Schotten voor lidmaatschap. Meteen werd de vraag naar de toekomst van Schotland binnen het VK opnieuw brandend actueel. De onafhankelijkheidsbeweging kreeg een uitgesproken pro-Europees karakter en weer werd de vraag naar een referendum geopperd.

Tegen die achtergrond vonden op 6 mei parlementsverkiezingen plaats in Schotland. Ondanks opeenvolgende lockdowns als gevolg van de coronapandemie en een pijnlijke episode waarin eerste minister Sturgeon moest toegeven dat haar regering “misschien niet alles juist” had gedaan toen er klachten wegens seksueel misbruik binnenliepen tegen haar voorganger en mentor Alex Salmond, draaiden die verkiezingen om de toekomst van Schotland. Sturgeon en haar Scottish National Party boekten een klinkende overwinning: ze haalden 64 van de 129 zetels van het parlement in Edinburgh binnen, één te weinig voor een absolute meerderheid dus.

Voor de verkiezingen beloofde Sturgeon de kiezers een nieuw referendum als haar partij opnieuw het land mocht leiden. Intussen is ze herbenoemd tot eerste minister en voert ze verkennende gesprekken met de groenen over een samenwerkingsakkoord. Als het van Sturgeon afhangt, vindt het nieuwe referendum ten laatste in 2023 plaats. Als ze de Britse premier Boris Johnson niet kan overtuigen om met de organisatie van het referendum in te stemmen, wil ze eenzijdig een referendumwet laten stemmen in het parlement en Johnson uitdagen de wet aan te vechten in het Hooggerechtshof, klonk het voor de verkiezingen. De kans dat Johnson het referendum laat doorgaan en riskeert de doodgraver van het Verenigd Koninkrijk te worden, is evenwel onbestaande.

Uitkomst moeilijk te voorspellen

Intussen heeft Sturgeon haar beleid voor de komende jaren toegelicht. Ze wil focussen op het economisch herstel na de pandemie en investeren in de gezondheidszorg, maar houdt ook vast aan de organisatie van een nieuw referendum op middellange termijn. Als ze erin slaagt een akkoord te sluiten met de groenen, zal ze op een comfortabele meerderheid pro-onafhankelijkheid kunnen bogen. De Scottish Greens willen hun huid duur verkopen en een sociaal en klimaatvriendelijk beleid helpen voeren, maar vinden dat dat het beste kan in een “echt democratische natiestaat”. “Onafhankelijkheid is onze weg terug naar EU-lidmaatschap”, staat ook prominent op de partijwebsite.

Komt het in Schotland uiteindelijk tot een referendum, dan is de uitkomst moeilijk te voorspellen. Uit peilingen voor de verkiezingen bleek dat het pro-onafhankelijkheidskamp de bovenhand had, maar de neen-stemmers hun achterstand aan het inhalen waren. Bij een ja-stem zullen Schotland en wat overblijft van het VK wellicht voor jaren van onderhandelingen vertrokken zijn. Die gesprekken zullen aan de Brexit-saga doen denken, maar dreigen veel complexer te worden. De verwevenheid tussen Schotland en het VK is veel groter dan tot voor kort tussen het VK en de Europese Unie.

LEES OOK

Nu in het nieuws