Wie twee jaar werkt, moet worden beschouwd als iemand met contract van onbepaalde duur

 

 ©  Shutterstock

Bron: BELGA

Wie twee jaar werkt, moet beschouwd worden als iemand die een contract van onbepaalde duur heeft, ook al werkt hij met opeenvolgende contracten van bepaalde duur of met vervangingsovereenkomsten. Dat stelt het Grondwettelijk Hof donderdag, dat de wetgever de opdracht geeft om een einde te maken aan deze ongrondwettelijkheid en de wet dus aan te passen.

Het Arbeidshof Gent, afdeling Brugge, had het Grondwettelijk Hof een prejudiciële vraag gesteld “of opeenvolgende arbeidsovereenkomsten voor een bepaalde tijd en vervangingsovereenkomsten niet als één ketting van arbeidsovereenkomsten van tijdelijke aard moeten worden beschouwd die na 2 jaar worden vermoed een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde duur uit te maken”. 

Het Arbeidshof moest zich uitspreken over een bediende die in 2001 met een vervangingscontract begon te werken bij de Vlaamse Gemeenschap en aan de slag bleef met vervangingscontracten en contracten van bepaalde duur. In 2007 werd hij ontslagen en de Vlaamse Gemeenschap betaalde een opzeggingsvergoeding uit op basis van de laatste vervangingsovereenkomst. Voor de ontslagen werknemer diende de vergoeding op basis van een overeenkomst van onbepaalde duur berekend te worden. 

De Gentse arbeidsrechtbank was het daar niet mee eens, waarop de betrokkene in beroep ging. Het Arbeidshof stelde vast dat voor arbeidsovereenkomsten van bepaalde duur en vervangingsovereenkomsten andere regels gelden. De opeenvolgende contracten mogen in het geval van contracten van bepaalde duur maximaal drie jaar duren, en bij vervangingsinkomsten maximaal twee jaar, voor ze beschouwd worden als overeenkomsten van onbepaalde duur. 

Maar het Grondwettelijk  Hof vindt het “niet redelijk verantwoord dat de waarborg van de vastheid van betrekking niet geldt voor een opeenvolging van arbeidsovereenkomsten voor een bepaalde tijd en vervangingsovereenkomsten. Zoals de feiten van het geschil aantonen, kan een werknemer immers op die manier gedurende vele jaren bij dezelfde werkgever worden tewerkgesteld, zonder te genieten van de waarborg van een vastheid van betrekking”. Voor het Hof is dan ook sprake van een schending van het beginsel van gelijkheid en niet-discriminatie.  

In afwachting van een aanpassing van de wet - de artikelen 10 en 11ter, § 1, vijfde lid, van de Arbeidsovereenkomstenwet - kan het Arbeidshof de regels voor overeenkomsten van onbepaalde duur toepassen, stelt het Grondwettelijk Hof nog.

Aangeboden door onze partners

Lees ook

Hoofdpunten