Bepaalde kankerpatiënten maken minder antistoffen aan na coronavaccinatie

 

 ©  AFP

Bron: BELGA

Sommige kankerpatiënten maken na twee dosissen van een coronavaccin minder antistoffen aan dan gezonde personen. Dat blijkt uit een studie aan het Universitair Ziekenhuis Antwerpen. Vooral bij chemotherapie en behandelingen tegen bloedkanker ligt de antilichaamrespons lager.

In februari startte een studie bij 200 kankerpatiënten die werden ingeënt met het vaccin van BioNTech-Pfizer. Onderzoekers van het UZA wilden nagaan of de vaccins even werkzaam zijn bij kankerpatiënten, die door hun ziekte en behandeling te maken krijgen met een verminderde immuniteit. Daarnaast werd bestudeerd of kankerpatiënten meer risico lopen op (ernstige) nevenwerkingen van de vaccins.

De eerste resultaten zijn nu gekend. “Het resultaat van de studie wijst er in de eerste plaats op dat de bijwerkingen van het vaccin bij patiënten die een kankerbehandeling ondergaan volledig in lijn liggen met de meldingen gemaakt door gezonde personen”, zegt diensthoofd oncologie Marc Peeters.

Wel is er een verschil bij de werking van het vaccin. “Wat de afweerreactie betreft, zien we dat de hoeveelheid antistoffen die worden aangemaakt bij sommige patiënten minder is dan bij gezonde personen na twee doses van het vaccin”, zegt Peeters. “Antistoffen worden bij de meeste patiënten aangemaakt na de eerste prik, maar nemen niet bij alle groepen van patiënten toe na de tweede prik.”

Afhankelijk van de behandeling

Daarbij zijn duidelijke verschillen tussen patiënten, afhankelijk van hun behandelingstherapie. Zo goed als alle patiënten die hormoontherapie, immuuntherapie of doelgerichte therapie ondergaan, hebben een normale aanmaak van antistoffen. Een normale antilichaamrespons zien we echter slechts bij iets meer dan de helft van de patiënten met chemotherapie en zelfs maar bij een derde van de patiënten met bloedkanker.

De onderzoekers ga nu na of kankerpatiënten gebaat zijn bij een derde vaccindosis. “De recent gestarte Tri-VOICE studie bestudeert dan ook het effect van een derde dosis van het vaccin, ongeveer zes maanden na de eerste prik, op de afweerstoffen. Verder onderzoek zal uitwijzen of zij op die manier een grotere hoeveelheid antistoffen aanmaken”, aldus Sciensano-onderzoekster Mieke Goossens.

Het onderzoek wordt mee gefinancierd door Kom op tegen Kanker. “De studie volgt de kankerpatiënten op van het moment dat ze het vaccin krijgen toegediend in het vaccinatiecentrum tot één jaar erna”, zegt algemeen directeur Marc Michils. “Als blijkt dat het vaccin hen onvoldoende beschermt, moet er gezocht worden naar andere oplossingen om ook hen te beschermen. Deze studie levert niet enkel waardevolle inzichten op voor kankerpatiënten, maar ook voor patiënten met andere aandoeningen. We hopen dus dat de overheid ook een deel van de financiering op zich neemt.”

LEES OOK

Nu in het nieuws