Maggie De Block schreef mee aan nieuw WHO-rapport: “Dat er een nieuwe pandemie komt, is zeker”

 

 ©  li: Fred Debrock re: ISOPIX - Frederic Andrieu

Een werkgroep van de WHO heeft een rapport geschreven over de lessen die de wereld moet trekken uit de coronapandemie. Voor ons land nam voormalig minister van Volksgezondheid Maggie De Block deel. Zij vindt dat er – zowel op Europees als Belgisch niveau – beter samengewerkt moet worden, al viel het met die fouten tijdens het afgelopen anderhalf jaar volgens De Block best mee.

jvhBron: Radio 1, Belga

Maggie De Block maakte op uitnodiging van Hans Kluge, de Belgische directeur van WHO Europa, deel uit van de zogeheten “Pan-Europese Commissie voor Gezondheid en Duurzame Ontwikkeling”, een overlegorgaan dat de afgelopen maanden een rapport schreef over de lessen die de wereld moet trekken uit de coronacrisis. “Want dat er ooit een nieuwe pandemie aankomt, dat is zeker”, legde De Block vrijdagochtend uit op Radio 1. “We weten alleen niet wanneer. De vraag is vooral hoe we in de toekomst beter voorbereid kunnen zijn. Daar hebben we gedurende een jaar over vergaderd.”

Ondanks heel wat waarschuwingen over globale pandemieën was de wereld niet voorbereid toen het virus eind 2019 voor het eerst de kop opstak, luidt het. Door een verkeerde maar vooral gedifferentieerde wereldwijde aanpak bleek het virus een ware catastrofe, met reeds meer dan 1,2 miljoen doden in Europa alleen al tot gevolg. De WHO roept op om te leren uit deze fouten en te voorkomen dat we ze opnieuw maken.

Welke lessen heeft De Block getrokken voor België? “(lachje) Laat ons zeggen dat ons land institutioneel ingewikkeld is. Daardoor ging het vaak niet snel genoeg. Er zijn tientallen Overlegcomités en Interministeriële Conferenties geweest… We hebben ons zot vergaderd om met alle bevoegde ministers tot één maatregel te komen.”

Fouten?

Is het niet bizar dat De Block, die tijdens de eerste maanden van de coronacrisis als ontslagnemend minister van Volksgezondheid zelf ook betrokken partij in de aanpak van de coronacrisis was, zichzelf in een werkgroep van de WHO moet evalueren? “Iedereen die beslissingen moest nemen, heeft kritiek gekregen. Ook de WHO: eerst moesten er volgens hen geen mondmaskers gedragen worden, omdat we niet wisten dat ook asymptomatische mensen het virus konden doorgeven. We hadden dus te weinig kennis over het virus. Vergeet niet dat dit virus intussen wereldwijd al vier miljoen doden heeft gemaakt. Het is geen Belgisch probleem, al wordt dat in de politieke discussie vaak daartoe herleid.”

Heeft De Block geen dan fouten gemaakt, bijvoorbeeld in de bevoorrading van mondmaskers? “Dat was overal een probleem. Het overgrote deel van de productie daarvan vond in China en Japan plaats. Frankrijk en Duitsland hadden nog voorraden, maar er is overal erg protectionistisch gereageerd. Dat was niet bepaald volgens de Europese gedachte van samenwerking. Zoiets mag niet meer voorvallen.” En wat met het vernietigen van de Belgische strategische reserve mondmaskers? “Die vernietigen was geen fout, want ze waren niet meer bruikbaar. Die voorraad vervolgens niet vervangen was wel een fout: dat had niet mogen gebeuren.”

Conclusie

In de conclusie roept de werkgroep de Europese landen nu op om een landoverschrijdend gezondheidsbeleid in te voeren, waarbij vooral rekening wordt gehouden met het voortbestaan van mens, dier en leefmilieu. Daarnaast wil ze ook dat de ongelijkheid binnen de samenleving wordt aangepakt en iedereen een gelijke toegang krijgt tot gezondheidszorg en sociale hulp.

Ze vraagt de landen om een globaal gezondheidsbeleid in te voeren waarbij een verband wordt gelegd tussen mens, dier en leefomgeving. De Commissie wil daarnaast dat de ongelijkheid op het vlak van gezondheid, maar ook sociaal, economisch of wat gender betreft, wordt aangepakt. Tot slot vraagt ze om te investeren in innovatie, databeheer en het delen van die data zodat sterkere nationale gezondheidssystemen kunnen worden opgebouwd.

Ook wil de Commissie dat innovatief wordt gekeken naar partnerschappen tussen publieke en private sector, waarbij een duidelijk beeld wordt gegeven over de risico’s en voordelen van een samenwerking. Landen worden bovendien opgeroepen om meer te investeren in gezondheidswerkers, en de noden op te vullen wat basisgezondheidszorg, mentale zorg en sociale zorg betreft.

LEES OOK

Nu in het nieuws