Topverdieners in sport gaan volle pot aan RSZ moeten betalen, federale regering wil 43 miljoen euro ophalen

 

 ©  BELGA

43 miljoen euro. Zoveel wil de regering ophalen uit het voetbal. Vooral topverdieners zoals Hans Vanaken of Simon Mignolet zullen dat in hun portefeuille voelen, want het plan is dat zij net zoals hun club de volle pot zullen moeten betalen aan RSZ-bijdragen. Voor club en speler samen kan dat verschil in de extreemste gevallen oplopen tot meer dan 1,3 miljoen euro.

Vincent Van Genechten

LEES OOK. Profvoetbal vreest impact RSZ-maatregelen op competitiviteit in Europa: “We riskeren ons rechtstreeks Champions League-ticket kwijt te spelen”

Na de begrotingsverklaring van de regering is het zeker: vanaf volgend jaar zullen de profvoetballers hogere RSZ-bijdragen moeten betalen. “Het allerbelangrijkste is dat de grote onrechtvaardigheid eruit gaat dat hoe meer men betaald wordt, hoe minder men bijdraagt aan de sociale zekerheid”, vertelt Joris Vandenbroucke (Vooruit), die van meet af mee de kar trok. “Dit plan dient om dat om te draaien. De lagere lonen zullen een sportbonus krijgen die uitdooft naarmate je meer verdient. De absolute topverdieners zullen de volle pot moeten betalen, zoals elke werknemer.”

Dat is goed nieuws voor amateursporters of semi-professionele sporters, maar tegelijk ook een fikse rekening voor de best betaalde sporters in ons land. De best betaalde voetballers in 1A strijken jaarlijks een bedrag op van zo’n drie miljoen euro bruto per jaar. Voorheen werden hun RSZ-bijdragen berekend op een fictief plafond van 28.800 euro bruto. Indien dat zou wegvallen, stijgen hun RSZ-uitgaven van 3.764 euro per jaar naar 392.100 euro per jaar. Op die manier haalt de Belgische Staat jaarlijks 388.336 euro meer uit hun portefeuille.

 

 ©  rr

Hoge lonen

Voor de clubs zou de rekening voor die hoge lonen nog meer oplopen: van 9.216 euro per jaar naar 960.000 euro per jaar, oftewel een verschil van 950.784 euro. Voor een club als Club Brugge, dat met Simon Mignolet en Hans Vanaken twee van de best betaalde spelers van België in dienst heeft, wordt de rekening dus ineens een pak duurder. Zo zal het voor onze clubs een pak moeilijker worden hoge lonen te betalen.

Op dit moment is de vraag vooral waar de grens getrokken zal worden: vanaf wanneer betaal je als topsporter de volle pot en wanneer niet? Daar zal de komende weken en maanden nog over vergaderd worden met de verschillende sportbonden. Hoe dan ook rekent de regering erop dat deze aanpassing hen dertig miljoen euro zal opleveren.

Nog eens tien miljoen euro zou uit een herwerking van het systeem met de bedrijfsvoorheffing moeten komen. “In plaats van de bedrijfsvoorheffing door te storten aan de fiscus, mogen voetbalclubs 80% van het totaalbedrag houden. Dat geld zal nu enkel nog ingezet mogen worden voor de jeugdopleiding. Elke euro die ze voor zichzelf houden, zal verantwoord moeten worden”, legt Steven Matheï (CD&V) uit.

De overige drie miljoen hoopt men te incasseren via onder meer een zwaardere belasting op makelaarstransacties. De regering neemt het advies van wereldvoetbalbond FIFA van een commissie van 3 procent daarbij als leidraad. “Willen de clubs toch meer betalen, dan zullen zij bestraft worden met een extra belasting”, aldus Matheï, die mee het wetsvoorstel initieerde. “Zo willen we voorkomen dat de fiscale voordelen die wij de clubs geven, op het einde van de rit bij de makelaars terechtkomen.”

LEES OOK