Tom Meeusen zag al acht verschillende wereldkampioenen van dichtbij passeren: “De beste veldrijder ooit is een mix van Wout en Mathieu”

“Een paar ronden met Van Aert en Van der Poel voorin meerijden, daarvoor doe ik het nog”, aldus Meeusen. 

“Een paar ronden met Van Aert en Van der Poel voorin meerijden, daarvoor doe ik het nog”, aldus Meeusen. © BELGA

Geen crosser die al langer meedraait dan Tom Meeusen. De 33-jarige Essenaar van Deschacht-Hens-Maes is ‘de dinosaurus’ onder de veldrijders. In al die jaren zag hij vier generaties en acht verschillende wereldkampioenen passeren. Hij bespreekt ze alle acht. “Ik ben zelf supporter van Van Aert en Van der Poel.”

Hugo Coorevits

Erwin Vervecken (49)Wereldkampioen in 2001, 2006 en 2007“Meester in het pieken”

“Erwin was van de oude stempel. Het was ook een andere tijd. Als hij op de eerste wegstage honderd kilometer kon fietsen, volstond dat. Maar zodra de belangrijke crossen eraan kwamen, was hij ook enorm dominant. Hij kon de laatste ronde renners echt overbluffen. Hij had enorm veel talent, maar gebruikte dat maar sporadisch. Vervecken kon goed pieken. Hij deinsde ook niet terug voor de druk in kampioenschappen. Hij wou gewoon niet overal goed zijn, maar in Koksijde, een paar maanden later in de Franse Wereldbekers en op de kampioenschappen kwam je hem wél tegen.”

Sven Nys (45)Wereldkampioen in 2005 en 2013“De efficiëntste”

“Hij reed elke winter tussen de 40 à 45 crossen. Hij wou altijd en overal goed zijn, maar hij was ook heel efficiënt. Hij deed geen inspanning te veel. Winnen was het belangrijkste. Was dat met vijf seconden voorsprong, dan was dat genoeg. Nys voelde de behoefte niet om iedereen op minuten te rijden. Hij dacht veel meer na. Ik denk ook dat hij dat nodig had. Misschien dat hij dan soms de tol betaalde op de wereldkampioenschappen.”

 

 ©  BELGA

Bart Wellens (43)Wereldkampioen in 2003 en 2004“Beste hindernisloper ooit”

“Was Bart à la Vervecken blijven rijden, dan had hij meer dan twee titels kunnen pakken. Hij had het nadeel dat de media hem opdrongen om te crossen zoals Nys: elke week opnieuw vol aan de bak. Daardoor verloor hij naar het einde toe wat van zijn pluimen. Bart is wel de beste hindernisloper ooit. Waar de rest toch nog probeerde te rijden, kon hij van de fiets stappen en trapjes op vliegen, over balken springen of technische zones lopen.”

Niels Albert (35)Wereldkampioen in 2009 en 2012“Kwam het dichtst bij Wout en Mathieu”

“De eerste echte tempobeul. Op zijn allerbeste dagen leunde hij het dichtst aan bij Mathieu en Wout. Met dat grote verschil dat hij echt goed gestart moest zijn om de cross te kunnen openbreken zoals die twee nu doen. Als hij slecht weg was, duurde het soms veertig minuten vooraleer hij voorin opdook. Hij was minder explosief. Die crossen van toen leenden er zich ook toe om nog op te schuiven. Nu heb je overal zoveel korte bochten dat ik niet durf te voorspellen of een slecht gestarte Albert nu nog voorin zou raken. De lange, rechte stukken zijn eruit. De start is veel belangrijker geworden.”

In 2017 mocht Meeusen nog eens samen met de Grote Twee op het podium.  

In 2017 mocht Meeusen nog eens samen met de Grote Twee op het podium.  © BELGA

Zdenek Stybar (35)Wereldkampioen in 2010, 2011 en 2014“Het eerste echte trainingsbeest”

“Zdenek is drie jaar ouder dan ik. We reden ook nog in dezelfde ploeg. Ondertussen is hij voor 99 procent wegrenner geworden. De Tsjech was het eerste echte trainingsbeest. Hij werkte de helft meer dan zijn concurrenten. Stybar was technisch ook heel sterk. Op zevenjarige leeftijd was hij al wereldkampioen BMX. Zijn verdienste is dat hij het veldrijden op het vlak van trainingsbenadering professioneler heeft gemaakt.”

Lars Boom (35)Wereldkampioen in 2008“Meegegroeid met Stybar en Albert”

“Zat in de generatie van Niels Albert, die ook enkele jaren ouder is dan ik, maar jammer genoeg door hartproblemen moest afhaken. Zoals Mathieu en Wout vandaag elkaar naar een hoger niveau brengen, deed ook de generatie Boom-Albert-Stybar dat.”

Wout van Aert (27)Wereldkampioen in 2016, 2017 en 2018“Niet normaal hoeveel training hij aankan”

“Wout ken ik al sinds hij eerstejaarsjunior was. Hij heeft zoveel kracht dat hij in het zand zijn eigen spoor trekt. Als hij op het gemakrijdt, verstikt hij al 99 procent van de tegenstand. Ik heb Wout een paar jaar geleden bij kinesist Lieven Maeschalck oefeningen zien doen… Amai. Deed ik die enkele dagen voor de cross, dan was ik daar een week slecht van. Hij heeft zo’n grote motor dat hij ontzettend hard kan trainen. Niet normaal hoeveel training hij aankan. Dat is misschien wel het grootste talent dat een renner kan hebben. Samen met Mathieu gaf hij onze wintersport enorm veel uitstraling.”

Mathieu van der Poel (26)Wereldkampioen in 2015, 2019, 2020 en 2021“Zelfs een spelletje Monopoly wil hij winnen”

“Ik was ook een tijdje zijn ploegmaat bij Corendon-Circus. Mathieu heeft het talent en de wil om in alles uit te blinken. Ga je karten, BMX’en, dan is die drive om te winnen er altijd. Zelfs in een spelletje Monopoly. Wout en Mathieu zijn enorm aan elkaar gewaagd. Dat bleek ook al op de weg. Ik dacht dat Wout in Oostende met zijn kracht gemakkelijker door het mulle zand zou rijden op het WK, en het was omgekeerd. Bij een parcoursverkenning zoek ik wat gras op. Mathieu rijdt los door de modder. Ze zijn allebei een klasse sterker dan de vorige generatie. De beste veldrijder aller tijden is een mix van die twee. Ik ben bijna supporter van allebei. In Loenhout bijvoorbeeld een paar ronden met hen voorin mee crossen, daarvoor doe ik het nog.”

Aangeboden door onze partners

Lees ook

Hoofdpunten