Parcours Parijs-Nice is spek naar de bek van Wout van Aert met onder meer heuvelachtige tijdrit naar Montluçon

Maximilian Schachmann won de vorige twee edities van Parijs-Nice. 

Maximilian Schachmann won de vorige twee edities van Parijs-Nice. ©  BELGA

Pas volgende week tijdens de persvoorstelling van Jumbo-Visma wordt het programma van Wout van Aert bekendgemaakt, maar het zou wel eens kunnen dat de dubbele Belgische kampioen voor het eerst in zijn carrière Parijs-Nice rijdt. Kansen genoeg om er ritjes uit te pikken, zo leerde de voorstelling van het parcours van de 80ste ‘Koers naar de Zon’ ons. Dan denken we aan de tijdrit van 13,4 km naar Montluçon bijvoorbeeld.

Hugo Coorevits

Het was in een tijdrit van het Critérium du Dauphiné 2019, op de dag dat Chris Froome in Roanne zijn doodsmak maakte, dat Wout van Aert voor het eerst de wereld showde dat hij tegen de klok beestig hard tegen de tijd kon rijden.

Sportief manager Merijn Zeeman gaf aan dat het wel eens zou kunnen dat Parijs-Nice (6-13 maart) als opbouw dient naar de aprilklassiekers. Het achtdaagse programma dat koersdirecteur François Lemarchand dinsdagmiddag in Versailles voorstelde, heeft mogelijkheden zat voor Wout van Aert, waarvan bij Jumbo-Visma verondersteld wordt dat het niet aan de Herentalsenaar is om eventueel Maximilian Schachmann in Nice van een drie op een rij te houden.

De openingsrit in Mantes-La Ville met twee keer de steile helling Breuil Bois Robert – de laatste keer op zes kilometer van de finish – is spek voor de bek van Alaphilippe (indien hij aanwezig is) of Wout van Aert.

Tot en met de tijdrit van woensdag in het departement van de Allier is er elke dag wel een opportuniteit voor de Kempenaar. De chrono gaat van Domérat naar Montluçon (de thuisbasis van Alaphilippe) en is heuvelachtig, bochtig en eindigt op de steile Rue du Buffon, met zelfs een zone van 14 procent.

De tijdrit lijkt op maat van Van Aert. 

De tijdrit lijkt op maat van Van Aert. ©  BELGA

De chrono licht niet alleen een tip van de sluier op voor de potentiële eindwinnaars, wat erna komt in het tweede gedeelte van Parijs-Nice is zwaar. Op donderdag is er een etappe door de Ardèche die 3350 hoogtemeters telt. Waaronder drie cols van eerste categorie. Op vrijdag volgt dan de langste rit: niet alleen 213,6 km maar tussendoor ook nog 2900 hoogtemeters.

Het weekend is heel traditioneel van snit: op zaterdag eindigt de rit op de Col de Turini, waar Egan Arley Bernal de basis van zijn eindzege legde en Dani Martinez een door Philippe Gilbert zeer geanimeerde etappe won in de bergen van de Alpes Maritimes. De slotetappe start en eindigt in Nice. Dit keer is met een onderbreking van twee jaar door de coronapandemie de Promenade des Anglais opnieuw als eindpunt gepland. Nieuw is wel dat er een andere weg wordt aangesneden voor de Col d’Èze die korter maar steiler (van 6,1 naar 7,6 procent) wordt. De Côte de Berre-les-Alpes is een nieuwkomer in deze slotrit van een Parijs-Nice die 27 gecatalogeerde cols en colletjes telt. Ideaal terrein als opbouw naar Milaan-Sanremo én de aprilklassiekers, waarvan Van Aert meer dan andere jaren zo hard droomt.

Buiten de achttien WorldTour-ploegen zijn Alpecin-Fenix en Arkéa-Samsic automatisch uitgenodigd als de nummers één en twee van de ProTeam-ranking van vorig jaar. De twee wildcards gaan naar TeamTotalEnergies van Peter Sagan (indien hij herstelt is van corona) en B&B Hotels-KTM, de ploeg van o.a. Jens Debusschere en Pierre Roland.

Rittenschema: Zondag 6 maart: Mantes La Ville – Mantes La Ville (159,8 km), maandag 7 maart: Auffargis – Orléans (159,2 km), dinsdag 8 maart: Vierzon – Dun-le-Palestel (190,8 km), woensdag 9 maart: Domérat – Montluçon (tijdrit van 13,4 km), donderdag 10 maart: Saint-Just-Saint-Rambert – Saint-Sauveur-de-Montagut (188,8 km), vrijdag 11 maart: Courthézon – Aubagne (213,6 km), zaterdag 12 maart: Nice – Col de Turini La Bollène-Vésubie (155,4 km), zondag 13 maart: Nice – Nice (115,6 km). (hc)

Aangeboden door onze partners

Lees ook

Hoofdpunten