RECENSIE. Tool in het Sportpaleis: “Pure kunst” *****

 

 ©  Geert Van de Velde

Een groep die erg artistiek en eigenzinnig wil zijn, wordt doorgaans ofwel onuitstaanbaar arrogant ofwel een karikatuur. Tool vermijdt die valkuilen, bleek vrijdagavond in het Sportpaleis: wat het viertal afleverde, was Kunst. Een vuist tussen de ogen die heerlijk deugd deed.

Iemand brengt je onder hypnose en timmert je daarna, met z’n knokkels vol in je gezicht, ineen. Wanneer je meer dan twee uur later bijkomt, bonzen je slapen en gutst een straaltje bloed uit je oren. Wat er precies is gebeurd, is vaag. Maar dat deert niet: hoewel de pijn bijt en klauwt, voelde je je lang niet zo levend. Dat is de vreemdsoortige tovenarij waarmee Tool keer op keer het publiek inpakt. En uitschakelt.

Dat was in het Antwerpse Sportpaleis niet anders. Nochtans is het Amerikaanse viertal een zootje goestingdoeners: in de set geen Schism of Stinkfist, nummers waarmee de band doorgaans hoog scoort op plekken als De zwaarste lijst. Maar net dat je-m’en-foutisme zien de fans als een sterkte. En welke andere groep last een pauze van tien minuten in vóór de bisronde, als was het een familiefilm in Kinepolis? Tool begon bovendien een onsympathiek kwartiertje te vroeg en foto’s nemen met je gsm was verboden, op straffe van uit de zaal te worden gezet.

 

 ©  Geert Van de Velde

Die eigengereidheid geldt ook voor hun songs: wie Tool geen warm hart toedraagt, vindt vaak dat die eindeloos kabbelen en dringend van wat vet mogen worden ontdaan. Sommigen noemen het zelfs “pretentieus”, stel je voor. Maar wie vrijdag Fear inoculum en Pneuma zag voorbijkomen – beiden een eind boven de tien minuten – merkte dat alle reliëf in de nummers geen moment van verveling toeliet. Aantrekken en afstoten, toeslaan en terugtrekken, eb en vloed. Net als in The pot en The grudge.

 

 ©  Geert Van de Velde

Over het verkoopargument live is dan ook goed nagedacht: terwijl frontman Maynard James Keenan – nog steeds met die indrukwekkende hanenkam – als een dier van het ene verhoog naar het andere kroop, werd de rest van het podium overheerst door indrukwekkende visuals en 3D-beelden. Én Justin Chancellor, een van de mafste, meest opzwepende bassisten uit het genre. Maar de climax: Danny Carey. In de encyclopedie mag zijn foto naast het woord ‘drummer’.

Toegegeven, die stoelen op het middenplein voelden wat ‘Elton John’ aan. Maar daar maakte Keenan zelf komaf mee. “Zijn jullie moe? Ik ben al 58, en ik kan nog rechtstaan”, zei hij in een zeldzaam moment van interactie. Iedereen rechtop, al ging hij meteen ietwat knullig op de rem: “Maar blijf in jullie vak, voor de brandveiligheid.” Zelfs Tool ontsnapt niet aan verzekeringsclaims.

Het was bijzaak. Tool bewees waarom ze niet minder dan de grootste arena’s verdienen. Over pakweg een jaar of zeventien volgt ongetwijfeld een nieuwe plaat en een bijbehorende tournee. Zorg dat je erbij bent. (Benjamin Praet)

Tool, gezien in het Sportpaleis op vrijdag 13/05

Aangeboden door onze partners