Europees Hof van Justitie: “Migrerende werknemers minder kinderbijslag geven, is discriminatie”

Themabeeld ©  Shutterstock

Oostenrijk is door het Europees Hof van Justitie teruggefloten omdat het zijn kinderbijslag en belastingvoordelen aanpast aan het land waar de kinderen van werknemers wonen. Het Hof spreekt van discriminatie op grond van de nationaliteit van migrerende werknemers. Vooral werknemers uit Oost-Europa, waar de levensduurte lager is dan in Oostenrijk, worden getroffen.

jvhBron: BELGA

De gecontesteerde procedure wordt sinds 1 januari 2019 toegepast in Oostenrijk. Bij de berekening van het bedrag van de kinderbijslag en van diverse belastingvoordelen die aan werknemers wordt toegekend (zoals een aftrek voor kinderen ten laste), wordt rekening gehouden met het algemene prijsniveau van het land waar de kinderen van de betrokkenen wonen.

De maatregel was een initiatief van de toenmalige regering van de conservatieve ÖVP en de uiterst rechtse FPÖ. Werknemers uit Polen, Slovakije, Hongarije en andere Oost-Europese landen worden er het hardst door getroffen. Zij pendelen vaak dagelijks of wekelijks naar Oostenrijk om in de bouw- of de toerismesector te werken, terwijl hun gezin in eigen land blijft wonen.

Het is de Europese Commissie die tegen het Oostenrijkse ‘aanpassingsmechanisme’ naar het Hof trok. Tsjechië, Kroatië, Polen, Roemenië, Slovakije en Slovenië sloten zich tijdens de procedure bij de Commissie aan. Oostenrijk kreeg de steun van Denemarken en Noorwegen. De Commissie argumenteerde dat de Europese wetgeving niet toestaat dat gezinsbijslagen worden gewijzigd op basis van het land waar de kinderen van een begunstigde wonen. Daarom moeten de bijslagen die werknemers in een bepaalde lidstaat ontvangen exact overeenstemmen - ongeacht de woonplaats van hun gezin.

Het Hof volgt de Commissie en beveelt Oostenrijk nu zijn wetgeving opnieuw aan te passen. Het omstreden mechanisme raakt vooral migrerende werknemers, stelt het Hof vast. Omdat zij vooral uit landen afkomstig zijn waar de kosten van het levensonderhoud minder hoog zijn dan in Oostenrijk, krijgen zij lagere bijslagen en minder voordelen dan Oostenrijkse werknemers - wat uiteraard het hele opzet was. Daarom is het aanpassingsmechanisme een indirecte discriminatie op grond van nationaliteit, besluit het Hof. Daarenboven wordt het vrije verkeer van werknemers binnen de EU geschonden.

De Oostenrijkse regering van ÖVP en FPÖ, met Sebastian Kurz als kanselier, was geen lang leven beschoren. Ze trad in december 2017 aan, maar viel in juni 2019 over een omkoopschandaal met FPÖ-leider Heinz-Christian Strache.

Aangeboden door onze partners

Lees ook

Hoofdpunten