Hoe evolueerde Antwerpse mobiliteit na twintig edities Antwerpen Shift: Fiets kende explosieve groei, openbaar vervoer hinkt achterop

Het aantal fietsers kende een enorme groei, maar De Lijn blijft het grootste zorgenkind in Antwerpen. © Jan Van der Perre

Na de introductie van Velo is de keuze aan deelmobiliteit sterk toegenomen, zowel wat deelwagens als -fietsen en -steps betreft. © r MARC HERREMANS - MEDIAHUIS

1 / 2
Antwerpen -

Antwerpen Shift vindt zondag 18 september voor de 20ste keer plaats. De eerste editie was in 2004, waarna er in hetzelfde jaar nog twee volgden. Hoe is de Antwerpse mobiliteit sinds die eerste editie geëvolueerd? Enkele deskundigen maakten de balans op. De belangrijkste conclusies: de fiets en de deelmobiliteit zijn niet meer weg te denken uit het straatbeeld, maar het openbaar vervoer blijft een zorgenkind.

Sacha Van Wiele

LEES OOK. Antwerpen Shift viert twintigste editie met zelfrijdende busjes en (deels) autovrije Leien

Koen Kennis (N-VA), Antwerps schepen van Mobiliteit:

“Rond fietsinfrastructuur is er heel wat verbeterd met fietspaden, fietsstraten en fietsostrades. Antwerpen kreeg op deze manier een uitgebreid fietsnetwerk. Met de inrichting van zone 30 in woonbuurten maakten we Antwerpen ook aangenamer voor de zachte weggebruiker.”

“De grootste evolutie is er op het vlak van deelmobiliteit. Na Velo hebben Antwerpenaars en

Koen Kennis. © Jan Van der Perre

bezoekers nu een ruim aanbod, van wagens tot steps. De opmars van de elektrische fiets heeft veel mensen aangezet om hun wagen thuis te laten als ze naar Antwerpen komen.”

“Door het inzetten van technologie met onder meer Slim naar Antwerpen kunnen we het verkeer beter sturen. We haalden zo op heel wat kruispunten conflicten weg tussen weggebruikers en verhoogden het comfort met onder meer de wachtlichten.”

“Rond het openbaar vervoer zijn stappen vooruit gezet. Ik denk aan de tramkoker onder de Turnhoutsebaan en de Noorderlijn. Ook NMBS zet extra treinen in voor het voorstadsnet. Alleen zijn deze stappen nog niet groot genoeg; Er is rond openbaar vervoer nog een versnelling nodig.”

Renaat Van Hoof, Fietsersbond Antwerpen:

Renaat Van Hoof. © Patrick De Roo

“Voor fietsers is er veel veranderd. Bijna twintig jaar geleden moest je als fietser nog vechten om in beeld te komen. Ondertussen is er bijna geen enkele politieke partij meer die de fiets nog negeert. Dat merk je ook bij de inrichting van straten. In de geest van de mensen is de fiets een normaal vervoersmiddel geworden. Veel knelpunten voor fietsers zijn de afgelopen jaren aangepakt.”

“Door de grote vooruitgang voor fietsers zijn er wel enkele valkuilen ontstaan. De oplossing voor alles lijkt nu de aanleg van fietspaden te zijn, ook op plekken waar deze infrastructuur eigenlijk geen oplossing is. Zo ontstaan conflicten tussen voetgangers en fietsers. Het beleid blijft te terughoudend in het terugdringen van de wagen om zo extra plaats te maken voor voetgangers en fietsers. De inrichting van een woonerf is soms een betere oplossing dan de aanleg van een fietspad of -straat.”

Dirk Wiesé, TreinTramBus:

Dirk Wiesé. © rr

“Afgelopen periode moet je wat het openbaar vervoer in Antwerpen betreft in twee delen splitsen. Met de werken aan de Antwerpse Ring in 2004 kwamen er zware minderhindermaatregelen met investeringen in trams en bussen. Het aantal reizigers bij De Lijn in Antwerpen steeg met 30 procent. Dat was een ongeziene shift van de wagen naar het openbaar vervoer. Het bewijst dat als de wil er is, het ook kan. Het probleem was dat hier niet professioneel op is verder gewerkt. De overheid liet het na om dit iniattief duurzaam en kwaliteitsvol te verankeren.”

“We zagen dat er werd bespaard op De Lijn. De gevolgen laten zich vandaag nog steeds voelen en als er niets gebeurd, staan we met de Oosterweelwerken voor een economische ramp. Vanaf 2011 is de winter aangebroken voor ons openbaar vervoer. We zitten in een neerwaartse spiraal en de reizigers zijn daar het slachtoffer van. Bussen en trams blijven onbetrouwbaar onder meer doordat ze vaak vastzitten in het verkeer.”

“Toch zie ik enkele lichtpuntjes. Er wordt geïnvesteerd in een betere doorstroming door onder meer een slimme afstelling van de lichten. Er kwamen ook nieuwe voertuigen en enkele tramlijnen zijn doorgetrokken.”

Peter Vermeulen, Ringland:

Peter Vermeulen. © Joren De Weerdt

“De grote kentering was het akkoord tussen de burgerbewegingen en de overheid rond de Oosterweelverbinding. Ruim twintig jaar geleden werd alleen gesproken over de brug Lange Wapper. Alleen zien we dat in het kader van de grote shift in de mobiliteit naar andere vervoersmiddelen dan de wagen nog een tandje moet worden bijgestoken. Er was een shift van het openbaar vervoer naar de fiets. Het aantal wagens daalde lichtjes. Mara prognoses spreken opnieuw van een stijging in het aantal wagens. Met de komst van de elektrische fiets en de elektrische deelfiets zie je wel dat mensen sneller hun wagen thuis laten. Een volgende stap moet het verhogen zijn van het aanbod van deelwagens. De bestaande parkings zouden perfect kunnen dienen voor deze vorm van deelmobiliteit. Daar ligt volgens mij de volgende shift.”

“Vooral in het openbaar vervoer was er een terugval. Het is hoog tijd dat daar een drastische verandering in komt. Bij het openbaar vervoer ligt de oplossing voor de mobiliteitsproblemen in Antwerpen en de regio.”

Tom Dhollander, Voetgangersbeweging:

Tom Dhollander. © rr

“Globaal zie ik dat er inspanningen worden geleverd voor de voetgangers. Ik heb het dan over de inrichting van nieuwe woon- en winkelerven, de tuinstraten en de uitbreiding van zone 30. Dat is een goede zaak. Alleen is de behoefte veel groter dan het aanbod. Ik kan alleen maar vaststellen dat er rond de kwaliteit van de trottoirs de afgelopen twintig jaar weinig vooruitgang is geboekt. Voetgangers worden nog te veel geconfronteerd met te smalle trottoirs die er soms slecht bij liggen en die niet vrij zijn van obstakels.”

“Investeren in trottoirs heeft een positief effect op de globale mobiliteit. Als mensen aangenaam kunnen wandelen, dan zullen ze dat niet alleen sneller doen, maar wandelen ze ook bijvoorbeeld naar de dichtstbijzijnde tram- of bushalte.”

Aangeboden door onze partners

Hoofdpunten