Romain Bardet vertelt doodeerlijk waarom hij nooit een grote ronde zal winnen: “Evenepoel en Pogacar, dat zijn koersgenieën”

©  EPA-EFE

Wie Romain Bardet zegt, die heeft het over een outsider voor het podium in welke grote ronde hij ook rijdt. De Fransman haalde al twee keer het podium van de Tour en werd in 2018 ei zo na wereldkampioen. Maar Bardet beseft dat ‘zijn tijd’ gekomen is. Waarom? De nieuwe generatie ronderenners zijn volgens hem gewoon te goed.

Vincent Van GenechtenBron: Eurosport

De vraag die op ieders lippen rust: welke grote ronde rijdt Remco Evenepoel volgend jaar? De bijzonder interessante Giro of toch de Tour? Dat Tadej Pogacar de Ronde van Frankrijk wil heroveren op Jonas Vingegaard lijkt een quasi zekerheid. Bardet - nummer 6 van de voorbije Tour - weet nog niet zeker wat 2023 voor hem zal brengen bij Team DSM. Wel weet hij dat de eerder genoemde Belg en Sloveen supertalent van het allerhoogste niveau zijn.

“Ze hebben iets extra”, aldus de bijna 32-jarige Fransman over Evenepoel en Bardet. “Het zijn koersgenieën. Als zij honderd procent zijn, dan is er niemand die met hen kan concurreren, dat strijden ze om de zege tegen elkaar. Ze geven geen moer om de rest, de achtervolgers. Iedereen merkt dat het tempo in de koers hoger ligt dan voordien. Tijdens beklimmingen ligt de snelheid op een ongelooflijk niveau.”

Volgens Bardet komt dat ook door de opmars van zogenaamde superteams. “Dat heeft de situatie wel veranderd”, klinkt het. “Als je Jumbo-Visma of UAE Team Emirates ziet in de grote rondes, dan heb je al snel door dat vijf of zes van hun acht renners als kopman kunnen dienen. Voor ons als directe opponenten is dat bijzonder ingewikkeld. Dan kan je enkel proberen rustig te blijven en trachten te overleven.”

Bardet (centraal), rechts naar Evenepoel. ©  BELGA

De Fransman, die de Giro ondanks uitstekende vorm moest staken door ziekte, vindt verder dat zijn generatie enigszins is ingehaald door de nieuwe.

“Voor mij lijkt het alsof er een generatie is geweest die nooit echt is kunnen doorbreken”, stelt hij. “Het waren geen lege woorden van mij toen ik in 2016 of 2017 (na zijn tweede en derde plek in de Tour, red.) zei dat mijn beste jaren nog moesten komen. De cijfers zijn duidelijk, ik ben ook sterker dan toen. Maar er zijn nu nog sterkere jongere renners. Het wielrennen is de voorbije zes jaar enorm snel geëvolueerd.”

Aangeboden door onze partners

Lees ook

Hoofdpunten