Een egel is een ‘egol’. De r moet rollen. En de -n slik je gewoon in. Met deze snelle tips leer je een mondje Gents

Gent -

Een nagel spreek je uit als ‘nagol’. De r moet je laten rrrrollen en de -n op het einde van een woord slik je gewoon in. Één week per jaar doen de Gentenaars extra hun best om hun nieuwe stadsgenoten een vleugje Gents bij te brengen. Hoe begin je eraan zonder u te moeten schamen? Wij gingen te rade bij twee experts.

Simon Dekaezemaker

LEES OOK. Waarom een Gentenaar niet ‘kijk’, maar ‘kaak’ zegt? Taalkundigen doorprikken mythes over Gents dialect

De ‘Week van het Gents’ is opnieuw aan de gang. In die week zetten de Gentenaars hun eigen smakelijke dialect in de verf. Maar hoe begin je eraan, als je uit pakweg West-Vlaanderen of Limburg komt? Wij ontfutselden perfesser Gents Peter Van Haelter en podcast-maker Jan Verbeeck vier handige tips.

Slik de -n in

“Ik moet eerlijk zijn. Echt Gents leren is bijna onmogelijk.” Peter Van Haelter is meteen duidelijk: het is geen makkelijk dialect. Zo spreken Gentenaars sommige tweeklanken anders uit, zoals de -ij in wijs. Maar bij andere woorden voegen ze dan weer eigen tweeklanken toe. Zo wordt een steentje een ‘steintje’. Van Haelter probeert als perfesser met voorstellingen en lessen het dialect in stand te houden. “Klanken leer je vormen op een jonge leeftijd. Aan een Limburger of West-Vlaming Gents leren, is geen evidentie.”

De -n en de o

Wie het toch wil proberen, één makkelijke tip die Van Haelter vaak geeft is de -n op het einde van een woord. “Die spreken we in het Gents nooit uit. Zeg dus geen benen, maar ‘bene’.” De o komt ook vaak terug. “Een egel spreken we uit als ‘egol’. Een nagel is een ‘nagol’. Als je dat onthoudt, kom je al een eind verder.” De o moet je wel achteraan in de mond leggen, niet vooraan. “Enkel zo is het volledig juist’, zegt Van Haelter. “Belangrijk toch.”

De liedjes van Romain

Gents lezen is aartsmoeilijk, maar luisteren is al makkelijker. Dialectkenner Jan Verbeeck lanceerde daarom een podcast vol Gents. “Je moet het Gents echt horen en spreken. Meezingen is zelf nog het beste. Een gouden tip: leg eens ‘Papa die heeft nen tandem’ van Romain Deconinck op. Dat nummer is doorspekt van het echt Gents en vooral nog eens tof om te beluisteren. Plezant en informatief.”

Een andere tip van Verbeeck is om plekken op te zoeken waar mensen nog echt Gents praten. “Luister goed op de bus naar de Gantoise bijvoorbeeld, of bezoek eens een woonzorgcentrum. Dan doe je die mensen zeker en vast een plezier en kan je ondertussen het Gents oppikken. Een win-win.”

De r mag/moet rollen

En dan is er nog één heikele kwestie: de r. Moet die echt rrrrollen? Van Haelter vindt van niet. “Het Gents is doorheen de tijd geëvolueerd onder invloed van het Frans. Er slopen woorden in het dialect en de klanken vervormden. Zo werd de huig-r een rollende r.” Een huig-r kan dus ook best in het Gents, volgens Van Haelter. “Luister maar naar Koen Crucke, toch op en top Gentenaar. Beide kunnen.” Al blijft de rollende r natuurlijk het meest herkenbare stukje Gents. “De rollende r vormt de klanken ook veel duidelijker”, zegt Van Haelter, “zodat woorden makkelijker te verstaan zijn.”

Aangeboden door onze partners

Hoofdpunten